Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. lo.

overeenkomstig den in de atdeelingen der Kamer geoefenden aandrang, de taak van den schoolopziener aanmerkelijk te verlichten. Werd het cijfer op vijf teruggebracht, dan zou diens taak weder meer omvangrijk worden. Intusschen zou de minister het allerminst betreuren, indien het amendement werd aangenomen. — Het werd echter verworpen met 53 tegen 45 stemmen. (Hand. II, bl. 1207-14.)

„de bekrachtiging van den arrondissements-schoolopziener . \ oor diens bekrachtiging geldt hetzelfde, wat hiervoren werd aangeteekend omtrent de door het hoofd der school te geven verloven. Ook de schoolopziener is gebonden aan de voorschriften van art. 12, en mag niet willekeurig zijn bekrachtiging weigeren [of verleenen], (Eede van den minister, Hand. II, bl. 1210.)

Derde lid.

Strekking. Het kan gebeuren, dat b. v. een kind zóó onverwachts ziek wordt, dat verlof van liet hoofd der school niet meer vóór schooltijd kan worden aangevraagd; doch dit zal de ouders niet in moeilijkheid brengen. Het kind blijft dan eenvoudig weg; maar daarna volgt een briefje of een boodschap van den vader, dat het kind wegens ziekte niet op school kon komen. Dit geval zal dan [indien het hoofd deischool overtuigd is, dat het kind werkelijk ongesteld was] als verschoonbaar worden aangeteekend, eii de vader zal er geen last van hebben, er niets van merken. (Rede van den minister, Hand. II, blz. 1210.)

«gewettigd . Dit woord is ingelasclit ten gevolge van een. door den minister overgenomen amendement van den heer Rink, ten einde de terminologie in overeenstemming te brengen met die van art. 21 S 1 (Hand. II, bl. 1209-13.)

„verschoonbaar . In de M. v. A., bl. 41, had de regeering geschreven. dat in dit artikel aan het hoofd der school de bevoegdheid is toegekend om, in de gevallen onder 5°. van art. 12 bedoeld, verlof te verleenen of verzuim te verschoonen *). Doch dit laatste kon de heer Loeff in het artikel zelf niet lezen: er staat alléén, dat het hoofd der school, zoo deze een verzuim, waarvoor door hem verlof niet werd verleend, verschoonbaar acht, daarvan mededeeling heeft te doen aan den schoolopziener; zoodat die alsdan te beslissen lieeft. Hij vroeg daarom, of, wanneer het hoofd der school een verzuim verschoonbaar heeft geacht, de schoolopziener nog kan zeggen, dat het niet verschoonbaar is, en het dus niet verschoont. — De minister antwoordde: wanneer het hoofd der school op de lijst |van art. 19, derde lid | aanteekent „verschoonbaar", ofschoon hij geen verlof heeft gegeven, zoo zal tegen de ouders niet worden geageerd. Dit zal den schoolopziener voldoende zijn; dan is het uit.— De heer de Savornin L o h m a n betwijfelde echter, of deze uitlegging van den minister

*) Anders en juister echter stond het uitgedrukt op bl. 4:i dierzelfde M. v. A.: „en eiin meening fanbaar te maken omtrent verschoonbaarheid van verzuim, zonder zijn verlof gepleegd

Sluiten