Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 21.

treding gepleegd is, dan wordt bij eene latere overtreding opnieuw gehandeld als bij het vorige lid dezer paragraaf is bepaald.

§ 6. De administratieve maatregelen, in de §§ 1 tot en met 3 van dit artikel omschreven, zijn niet toepasselijk bij eene overtreding, bedoeld in artikel 1 en artikel 6, sub 2°., gepleegd ten aanzien van een kind, dat ambtshalve als leerling eener lagere school is ingeschreven, binnen zes maanden na den dag waarop het kind geacht wordt tot de schoolbevolking te behooren.

Ten aanzien van zoodanige overtreding doet de arrondissementsschoolopziener aanstonds proces-verbaal zijner bevinding aan den bevoegden ambtenaar van het openbaar ministerie toekomen, met bijvoeging van een uittreksel uit de lijsten en mededeelingen, bedoeld in artikel 19, voor zooveel het aangebrachte geval betreft.

Strekking van liet artikel. In dit artikel, behelzend wat geschieden moet bij relatief verzuim, is van Atóonderwijs geen sprake, omdat daarvoor (gelijk reeds bij art. 20 werd aangeteekend) gelden de controle-middelen, in art. 25 omschreven. Het handelt dus uitsluitend over het relatieve sr/wo/verzuim, en geeft tot keering daarvan, voorzoover het niet wettelijk geoorloofd is, de navolgende regeling, die zich ten deele aansluit bij hetgeen in het vorige artikel opziehtens het absolute verzuim is bepaald. Eerst een aanmaning door den schoolopziener om in het vervolg aan de opgelegde verplichting te voldoen. Bij herhaling van het verzuim binnen zes maanden, een oproeping voor de commissie tot wering van schoolverzuim, die op de verplichting wijst en tegen herhaling der nalatigheid ernstig waarschuwt. Bij vernieuwde herhaling binnen zes maanden, de schriftelijke aanzegging door den schoolopziener, dat deze overtreding nog niet strafrechtelijk wordt vervolgd, doch dat ter zake van de eerstvolgende overtreding, welke binnen zes maanden gepleegd mocht worden, en van verdere overtredingen na deze, proces-verbaal zal worden opgemaakt. Bij zoodanige volgende overtredingen zendt de schoolopziener proces-verbaal aan den bevoegden ambtenaar van het openbaar ministerie; met dien verstande echter, dat bij het verstrijken der termijnen, in § 5 van het artikel genoemd, gehandeld wordt alsof nog geen overtreding had plaats geliad.

Onderscheidend tusschen administratieve en strafrechtelijke behandeling der overtredingen, stelt de regeling de eerste op den voorgrond, in den vorm van aanmaning, waarschuwing en aanzegging. Maar indien die alle geen doel treffen, indien de administratieve maatregelen eindelijk zijn uitgeput en er tocli weer overtredingen voorkomen, moet ten slotte tót strafrechtelijke vervolging de toevlucht worden genomen; en blijkt dan niet aan den rechter, dat de nieuwe overtreding verschoonbaar is ('tzij wegens de redenen van het schoolverzuim, 'tzij omdat de aansprakelijke persoon alle zorg heeft aangewend, die redelijkerwijs van hem kan worden verwacht), zoo is strafoplegging gerechtvaardigd. Tegen veroordeeling van hen, wien gemis aan zorg niet kan worden verweten, is volkomen gewaakt. (M. v. A., blz. 36.)

Sluiten