Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Model IV.

Kennisgeving van vermeende vrijstelling der leerverplichting / ingevolge artikel 9 der Leerplichtwet.

Ter voldoening aan liet bepaalde in artikel 9 der Leerplichtwet deelt de ondergeteekende , wonende (1) . . .

in hoedanigheid van (2) ... . van het hieronder

over

vermelde kind mede, dat vermeent ten aanzien van dat kind en op

zij v

den mede hieronder vermelden grond aanspraak te kunnen maken op vrijstelling van de naleving der in artikel 1 van genoemde wet opgelegde verplichting.

Naam van het kind

Voornamen van het kind (3) . .

Datum van geboorte van het kind Plaats van werkelijk verblijf van

het kind (1)

Grond, waarop men meent op vrijstelling van de leerverplichting voor het kind aanspraak te kunnen maken (4)

, den .... 19 ... .

Aan

den burgemeester van

(5)

(1) Op te geven: straat en huisnummer of dergelijke duidelijke aanwijzing.

(2) ln te vullen: vader, moeder, voogd, of in welke andere hoedanigheid men met de verzorging van het kind is belast.

(3) Wanneer het kind voornamen draagt, die zoowel aan een jongen als aan een meisje worden gegeven, het geslacht te vermelden.

(4) Voor de gronden, die aanleiding kunnen geven tot vrijstelling, wordt gewezen op art. 7 der Leerplichtwet. Eene duidelijke omschrijving der redenen is wenschelijk. Verzorgers, die zich op de vrijstelling bedoeld in art. 7, 3U., wenschen te beroepen, moeten aan deze kennisgeving de verklaring toevoegen, vermeld in art. 10, eerste lid.

(5) Gemeente, waar degene, die met de verzorging van liet kind is belast, woonachtig is.

Behoort bij Koninklijk besluit van 13 November 1900, n°. 25.

Mij bekend.

l)e Minister van Binnenlandsche Zaken, H. Goeman Borgesius.

Sluiten