Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 139, 140.

afwezig verklaart, laat dat minimum te eenen male onbepaald of van toeval afhankelijk. Hetgeen, al zweeg de Grondwet, de aard der zaak geenszins duldt, ten zij waar betrekkelijke meerderheid beslist. Inderdaad is het dit laatste, door de Grondwet uitgeslotene, stelsel, waartoe men vervalt, en zonder welks verwarring met dat der Grondwet de dwaling onmogelijk ware geweest.

Tot de anders onverklaarbare misvatting, die, ware zij niet in praktijk doorgedrongen, naauwelijks verdiende te worden aangeroerd, werkte tweederlei begeerte zamen.

Men wilde altoos, en op de kortste wijs, tot een besluit kunnen komen.

Zoo dit voor reden mogt doorgaan, waarom niet, schoon minder dan de helft der leden tegenwoordig zij, stout weg besluiten genomen? Het is waar, de eerste alinea van art. 139 der Grondwet verbiedt. Maar zou de nalatigheid der afwezige leden de vergadering beletten, hare taak te volvoeren? Erisgeene wet, bij welke men met dergelijke redenering niet voorbij kwame.

Ten andere wilde men alle tegenwoordige leden dwingen om reglementair te stemmen, op straffe anders geheel buiten aanmerking te zullen blijven. Zie op Art. 140.

Art. 140Tweederlei besluit: of over een be-

') Art. 140. Over alle zaken wordt mondeling en bij hoofdelijke oproeping gestemd; doch bij het doen van keuzen of voordragten van personen, bij besloten en ongeteekende briefjes.

ii dekl. 5

Sluiten