Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 440.

paald onderwerp van raadpleging; of keuze van personen. Men geraakt tot het laatste besluit op een anderen weg, dan tot het eerste. Doch het hier voorgeschreven onderscheid in den vorm van stemming is het hoofdverschil niet. Al stemde men schriftelijk over zaken, en mondeling, zoo als in Engeland, tot verkiezing van personen, er bleef echter een ander verschil bestaan, dat met de vrijheid van stemmen wezenlijk zamenhangt.

Over een bepaald voorstel, onderwerp van raadpleging, wordt met ja of neen beslist; maar keuze van personen wordt zoo niet afgedaan. Telkens één bepaald persoon voor te stellen, waarvoor of waartegen de vergadering zich verklaarde, ware of zonder uitkomst, of leidde tot eene zeer onwisse openbaring van haren wil. Men laat dus, waar niet dan volstrekte meerderheid de keuze voldingt, eerst elk lid noemen wien het wil, om ten laatste, des noodig, te doen kiezen tusschen hen, welke de meeste stemmen hadden.

Nu gebeurt het, bij stemming zoowel over eenig voorstel als over personen, dat een of meer leden niet stemmen volgens het voorschrift. In het eerste geval zwijgen zij b. v., of spreken zij een non liquet uit; in het ander geven zij oningevulde of niet behoorlijk ingevulde briefjes. Het is, zoolang er eene eenstemmige volstrekte meerderheid overblijft, zonder gevolg. Maar die zwijgende of niet geldende stemmen kunnen veroorzaken, dat er geen volstrekte meerderheid zij. Om dit te voorkomen, beraamt men maatregelen , waardoor men alle tegenwoordige leden tot het behoorlijk uitbrengen hunner stem tracht te dwingen.

Sluiten