Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. -142.

populariteit van kiesvergaderingen van het karakter der provinciale Staten op den duur zóó verderfelijk, dat het behoud van het stelsel onmogelijk wordt. Ten zij men, om haar tot eene vrije uitdrukking van den volkswil te maken, de keuze boven den invloed en de verdenking van oligarchisch eigenbelang verhief, terwijl men het collegie onder alle nederlanders, maar niet zijne eigen leden liet kiezen. Ware dit eene capitis deminutio van de leden der Staten? Geenszins. Zij konden elders, door eene andere provinciale vergadering, worden benoemd.

Zooveel doenlijk uit alle de oorden van hunne provincie: eene vermaning niet om onbekwame personen te kiezen uit een hoek der provincie, waar bekwaamheid ontbreekt; maar om deze alom, waar men ze vindt, niet bij voorkeur in eene of eenige steden , op te zoeken, Vergel. op Art. 88 I bl. 249.

De theorie, dat de provinciale gemeente, vertegenwoordigd door de Staten, de leden der algemeeue Vertegenwoordiging kieze, schijnt juist, mits de Staten wezenlijke Vertegenwoordiging der provincie zijn. Zie op Art. 81 I bl. 209 volgg. bl. 214. Zijn zij het, in zamenstel en werking, niet, dan is hun kiesregt de bekrompenste vorm, waarin men de oefening van het gewigtigste deel van het Staatsburgerschap, dat in de benoeming der volksvertegenwoordigers bestaat, ooit heeft geperst. Een storm van vragen, uit de geloofsbelijdenis onzer staatsburgerlijke eeuw, zal opkomen tegen eene inrigting, om welker wil de bijzondere ingezetenen het eerste burgerschapsregt moeten missen.

Men zal vragen, of in onzen tijd het regt, om de

Sluiten