Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 155.

kere dranken. De algemeene wetgevende Magt roerde den aanleg van plaatselijke belastingen, waarin de zaak der Rijksmiddelen zoowel, als die van de ingezetenen aller gemeenten, kan betrokken zijn, naauwlijks aan J. Een voorschrift, dat zij er de algemeene regels van moet geven, diende, schijnt't, onze. ten deele nuttelooze, ten deele onjuiste, alinea te vervangen1.

Alvorens deze belastingen in te voeren, zenden zij de daaromtrent gemaakte ontwerpen, ter goedkeuring aan de Staten der provinciën: de goedkeuring der belasting over 't algemeen is doorgaans3 reeds opgesloten in de goedkeuring der begrooting van inkomsten voor het tijdvak, waarin de belasting moet werken. De alinea wil, dat het ontwerp der belasting, d. i. hare geheele inrigting, te voren afzonderlijk door de Staten worde onderzocht in verband met de plaatselijke behoefte. De belasting kan niet worden ingevoerd, ten zij de Staten goedkeuren. Hiervan wijken art. 71 van het reglement op het bestuur der steden, en art. 35 van dat op het bestuur ten platten lande af, gebiedende, dat de Staten de besluiten van den gemeenteraad over het invoeren van nieuwe, en het doen voortduren, veranderen of ophouden van reeds bestaande plaatselijke belastingen, hun ter overweging gezonden, met hunne consideratien aan de goedkeuring van den Koning onderwerpen.

') Wet y. 12 Jul. 1821 (Stbl. n°. 9) art. 15, 16; v. 24 Dec. 1829 (Stbl. n°. 76) art. 4 § b.

:) Vergel. beneden op Art. 157 bl. 138, 139.

3) De belasting kan voor een bepaald geval onvoorziens noodig zijn.

Sluiten