is toegevoegd aan uw favorieten.

Aanteekening op de grondwet

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFDE HOOFDSTUK.

van de justitie.

EERSTE AFDEELING.

algemeene beschikkingen.

Art. 160De Koning, het hoofd van de uitvoerende magt over 't algemeen, is dus ook, schoon op eene andere wijs dan ten aanzien der overige deelen, hoofd der regtsprekende magt. Doch het is niet dit, wat ons artikel, daar de weerga van in alle vroegere Staatsregelingen2 wordt aangetroffen, verkondigt. De eigenlijke beteekenis dezer, in de nieuwere Constitutien ook van andere landen opgenomen, grondstelling is ontkennend. Zij zegt, dat geene bijzondere regtspraak, voorheen als eigen regt van wege vele andere personen of ligchamen, buiten

') Art. 160. Er wordt alomme in de Nederlanden regt gesproken in naam, en van wege den Koning.

«) Staatsregel, v. 1798 Algem. Begina art. 38; v. 1801 art. 80; v. 1805 art. 73; v. 1806 art. 6o; r. 1814= art. 99.

II Deel. 10