Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 195, 196.

zijn, en in 's Lands kas komen of behooren te komen ? Z. op Art. 210.

Art. 196 1, op voorgang der Constitutie v. 1806 art. 2 2, door de commissie v. 1815 ingelascht. Eene uitzondering had zij reeds opgenomen bij art. 32.

Het beginsel is gelijkheid van pligt, overeenstemmende met de gelijkheid van regt, die bij andere artikelen en doorgaans ten gronde ligt. Hetgeen men, als de fransche Charte v. 1814 art. 2, met betrekking tot dit onderwerp dus kon uitdrukken: allen, zonderonderscheid , dragen naar de reden van hun vermogen in de lasten van den Staat 3. Het artikel omvat alle van wege eene publieke magt opgelegde belastingen, niet alleen die, waarvan art. 195 spreekt. Het is een voorschrift niet slechts aan den algemeenen wetgever, maar aan ieder gezag, dat belasting kan instellen.

Het hier toepasselijk begrip van privilegie volgt uit het beginsel van het voorschrift. Privilegie is elke uitzondering of vrijstelling van den regel der belastende wet, 'tzij bij wege van dispensatie van de uitvoering, 't zij in de wet zelve opgenomen ter gunste van bepaalde personen, ligchamen, standen of dassen, om 't even of doorgaans, of voor bijzondere gevallen. Wat ook zij belast, zekere goederen, inkomsten, uitgave of eenige handeling, de belasting moet, naar

') Art. 196. Geene privilegien kunnen in het stuk van belastingen worden verleend.

■) Alle privilegien in het stuk van belastingen blijven ver-

VVsrgel. Staatsregel, y. 1798 Alg. BeginB. art. 64; v. 1801 art. 58 extr.

Sluiten