Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 203.

Art. 203'. Er was te meer reden voor deze bijvoeging der commissie v. 1815, zoodra men zich voorstelde, dat individuele werving buiten lauds kon mislukken. Intusschen gaven de toen reeds gesloten capitulatien en het bestaan van vreemde troepen in onze dienst5 aanleiding tot het artikel.

Wat moet de wet, die het eerste lid van het artikel vordert, behelzen? Enkel de toestemming in 'talgemeen, zonder verdere bepaling van getal, van tijd en dergelijke voorwaarden? De commissie v. 1815 wilde den Koning vrijlaten in het sluiten der capitulatie zelve; maar aan de Statengeneraal vooraf eene stem verzekeren ten aanzien van het getal der troepen en der Mogendheid, van welke zij zouden kunnen worden ontleend 3. Het schijnt voldoende te zeggen: vreemde troepen worden niet dan met gemeen overleg des Konings en der Statengeneraal in dienst genomen.

Ook de Staatsregeling v. 17984 had in het geval voorzien. In Grootbritanje kan de Koning, gedurende den vrede, geen vreemde troepen op de been houden. Bij oorlog wordt hij er soms door het Parlement toe gemagtigd voor een zekeren tijd 6. De Iransche Charte

') Art. 203. Vreemde troepen worden niet dan met gemeen overleg des Konings en der Statengeneraal in dienst genomen; de capitulatien, dienaangaande door den Koning gemaakt, worden aan de Statengeneraal medegedeeld , zoo dra hij zulks geraden oordeelt.

-) Zie (de Geer) Anteced. p. 105, 106.

®) Raepsaet, 1. c. p 126, 161-164.

4) Art 50 d.

5) I'upin, 1. c. p. 143 sqq.; vergel. p. 126 sqq.

Sluiten