Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 206, 207.

En de verdere daartoe betrekkelijke maatregelen: het bijeenroepen en doen zamenblijven der geheele militie heeft door den Koning, zonder medewerking der Statengeneraal, kunnen geschieden; maar nu moeten de verdere, daartoe betrekkelijke, maatregelen met de Vergadering worden beraamd. Onder deze maatregelen zal nu, zoo het Land werkelijk in oorlog is, kunnen voorkomen het niet ontslaan van het vijfde , dat, bij vrede, in den loop van het jaar moest worden ontslagen. Kunnen voorkomen: want de Grondwet zegt niet, dat daartoe de inwilliging der Statengeneraal wordt vereischt.

Met de vergadering: een van die overblijfselen der Grondwet v. 1814, welke in de onze niet voegen. Z. op Art. 475. 176 bl. 180.

Zoo men art. 206 , 207 vervangt door het volgende

opstel:

De militie komt, in gewone tijden, jaarlijks eenmaal te zamen, om gedurende eene maand of daaromtrent in den wapenhandel te worden geoefend.

De Koning kan er een deel van, dat de wet bepaalt, doen zamenblijven.

Ingeval van oorlog of andere buitengewone omstandigheden kan de Koning de geheele militie buitengewoon bijeenroepen. Ten zelfden tijde roept de Koning de Statengeneraal bijeen, opdat eene wet het zamenblijven der geheele militie, zooveel noodig, bepale:

schijnen zij de vrijheid van den gewonen wetgever niet meer te binden, dan vereischt wordt; daar zij niets gebieden, dan 't geen hij toch behoort te verordenen.

Sluiten