Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE HOOFDSTUK.

Van de Staten der Provintien.

39.

De Staten der Provintien en Landschappen blijven op den ouden voet, in zoo verre geene verandering daarin gebragt is bij deze Grondwet. Zij behouden teffens de volkomen vrijheid om zoodanige veranderingen in hunne Constitutien en Reglementen, als zij goedvinden, met overleg van den Souvereinen Vorst te maken, behoudens alleen deze Grondwet. De regten van de Stadhouderlijke waardigheid vervallen van zeiven aan den Souvereinen Vorst.

De Souvereine Vorst vermag in elke Provintie, naar de oude gewoonte van de Nederlanden, een Stadhouder aan te stellen, in Holland des noods twee, om zoowel in de Vergadering der Staten als in de Gecommitteerde Raden of Gedeputeerde Staten voor te zitten.

40.

De Adel en de Ridderschappen in de Provintien blijven op den ouden voet, in zoo verre geen verandering daarin gebragt is bij deze Grondwet. Zij behouden teffens de vrijheid, om alle zoodanige veranderingen in hunne Constitutien en Reglementen, als zij goedvinden , met overleg van den Souvereinen Vorst te maken, behoudens alleen deze Grondwet.

De Stedelijke Regeringen blijven mede op den ouden voet, op dezelfde wijze en met dezelfde vrijheid als boven gemeld. Tevens worden in alle steden weer ingevoerd de aloude Nederlandsche Kiezers-collegien, ten einde eens

Sluiten