Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„ t Is voor een arme weduwvrouw ... D'r man is gestikt in een matseklijs ...

„Ik verkoop niet met verlies ..."

,,Ze kan t waarachtig niet betale . . ." Ze hèt noch achter elkaar twee kramen in 't zicht van 'r overlejen man . . ."

„Maak geen gijntjes . . . De tijd is te duur op 'toogenblik .. .

„Mijn tijd is duur : k Verkoop 'm voor 'n gemberbóle . . ." Zonder narrischkat, kan 't patroon ..."

„Nou . . . vooruit dan maar ..."

Souget klom haastig de trap op.

„Hen bestdoener, dacht David, hém naziende. „Zou men gelooven. dat-ie den heelen dag zich afjakkert, alleen om een oude moeder te verzorgen . . ."

Hij voelde zich zacht droevig. Diep in hem begon een verwijt te knagen. Waarom had hij zijn vader die bruiloft niet gegund ? Een oud mensch, dat toch niets meer van het leven te vragen had. Was het wel waar, dat hij de driehonderd gulden met kon missen? 't Ging nu toch goed. Van zijn sim<re moest hij geen saar maken. Als de saar kwam, was het tijd genoeg.

Opeens, boven het geroezemoes in voor- en achterhuis uit, begon een viool zacht te spelen.

David trilde van vreugde. Zijn Everdine begon te studee-

ren. . . Engel van een kind ... Die had wilskracht... Die had genie . . .

Hij luisterde naar de lang uitgehaalde tonen der gamma's, die Everdine in de achterkamer speelde. En zachtjes droomde ij \oort op de deining der tonen. Dat was zijn toekomst. Daar 'ag goud in. Dat was de kunst. Als ze uitgestudeerd zou zijn, zou ze kunstreizen gaan maken. Door Holland en door het buitenland. Door de heele wereld zou de naam van Everdine de Leeuw klinken. En schatten zou zij verdienen. In Utrecht adden de studenten de paarden voor het rijtuig van Sarah ernhardt afgespannen en hadden de tooneelspeelster zelve in triomf naar heur hotel getrokken. Dat zou ook ééns met zijn everdine gebeuren ...

Hij leunde zachtjes tegen de post van den trap-opgang. Het even van t oogenblik ging nu buiten hem om voort... hij stond te droomen, levend in de toekomst. . . Dan zou hij geen

Sluiten