Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vinger van zijn hand in Duitschland een rijk Jodenmeisje zou kunnen krijgen. Hij, Dietrich, had een nichtje, een beeld van een vrouw, die dertigduizend Mark mee ten huwelijk kreeg. Kom, hij moest maar eens vacantie nemen en met hem mee gaan. Dan zou hij hem zijn fabriek te Berlijn eens laten zien. Als hij met dat nichtje trouwde, gaven zij, Dietrich und Cohn, hem een winkel op den besten stand in Amsterdam. Een «grossartiges Geschaft», zooals die stomme, achterlijke Hollanders het zich nog niet gedroomd hadden.

En Harry Hirschfeld was mede gegaan. En hij had het «niet gemeend» met Suzanne en hij had het nichtje getrouwd en had in de Kalverstraat zijn mooie, groote zaak opgezet in dames-confectie en lingerie's, met behulp van de veertigduizend Mark Mitgift. de «nesjieres» was tienduizend Mark meegevallen en de twintigduizend Mark crediet, die Dietrich und Cohn hem gaven. Alleenlijk zijn vrouw was niet mooi, niet «bildhiibsch» zooals Dietrich. die verstand had van zaken doen, hem had voorgespiegeld. En binnen vijf jaar had hij vier kinderen, die allen ziekelijk waren. Het oudste kind Moritz Dietrich, had een kliergezwel in de hals: de tweede zoon was scrofuleus: het derde kind lag sedert maanden rechtuitgestrekt op een plank om een vergroeiing van 't schouderblad tegen te gaan en het jongste kind had een horrelvoet. Want het nichtje met de 40,000 Mark, dat in Duitschland geen man had kunnen vinden, was uit een Russisch-Joodsche familie, van een geslacht, dat door ontbering en gebrek was uitgemergeld en waarvan slechts één lid, uitgeweken naar Duitschland, door een loterij tot welstand was gekomen. Die ééne rijke was de vader van Hirschfeld's vrouw geweest en die ongelukkige dochter droeg in zich al de kiemen van ontaarding, die na eeuwen van verdrukking en lijden, het ras tot uitsterven bracht.

Nu was Hirschfeld bewust geworden. Hij voelde het, dat hij gestraft was voor zijn ontrouw aan Suzanna. Die had hij moeten trouwen, de robuste, gezonde, degelijke Christin. Dat zou zijn ras veredeld hebben. Bij haar zou hij gezonde kinderen gekweekt hebben. En mét haar zou hij toch tot welvaart gekomen zijn. Hij had haar nog altijd lief... Maar zij had hem éénmaal ontmoet en toen het hoofd afgewend met zulk een uitdrukking

Sluiten