Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar boezem. Toen trok ze de deur open en liep de steegin . . . Het was haar, als hoorde zij, toen ze bij de Kal verstraat was, den tink van de winkeldeurbel van 't oude huis ... Zij liep nog sneller door, alsof zij zich vervolgd voelde ... En nu de Kalverstraat door, met het hoofd voorover, angstig tusschen het gewoel der menschen in . . . Wat zagen de menschen aan haar . . . Allen keken ze haar aan ... Zij liep zeker te gauw . . . kom ... zij zou hier deze steeg maar inloopen . . . dan over de N. Z. Voorburgwal en de Molsteeg door en zóó naar de Leliegracht.

Het was haar of iemand haar achterna liep . . . Zeker, zij hoorde stappen achter zich... Ze dorst niet omkijken... Haar hart bonsde en ze voelde de slagen tot in haar keel, had een gevoel van verstikking, zag groote gele velden beprikkeld met zwartblauwe sterretjes schemeren voor haar oogen ... O God . . . dat was vader . . . dat was zeker vader . . .

Maar de man achter haar had toch een anderen stap . . . En even voor zij 't lange, nauwe steegje uit was, voelde ze een zacht tikje op haar schouder. Zij trilde door haar geheele lichaam . . . keerde zich naar terzij.

„Wel juffrouw Treesje, wat heeft u een haast."

Het was Ricardi, die haar na was geloopen.

„Laat mij met rust mijnheer. Wat heeft u met mij te maken ! > zei ze driftig, toornig nog méér omdat zij voor dezen man bang was geweest.

„Kom, kom . . . wees u nu niet eens zoo bits . . . 'k Bezweer je bij God, ik wil niets kwaads van je . . ."

„Gaat u uw eigen weg . . . wat heeft u met mij te maken . . ."

„Allemaal goed en mooi . . . maar hoor nu 'reis. Ik kom vanavond bij de opening . . . Jelui zult van mij 't eerste handgeld hebben . . . 'k Wil een ruiker voor mijn vrouw koopen . . . doodziek zie je . . . en nu wil 'k een paar blommen voor 'r ledikant zetten . . . Doe nu eens een goed woordje bij je vader . . . zeg, dat-ie niet zoolang moet wrokken ..."

„Spreekt u zelf met mijn vader . . ."

„Waarachtig goed ... ik heb de toestemming ... ik mag met 'r vader spreken ..."

„Ricardi deed, alsof hij het tot een derden persoon had.

Sluiten