Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij nooit een prijs had genoemd. Dat hij nooit geweten had, dat het zoo duur was. Waarom Mantua zich zoo zelden meer liet zien. Hoe het hem ging. Hoe het haar ging.

Maar zij kwam ook bij De Leeuw tot een accoord. Als hij het te duur vond, mocht hij zelf een prijs bepalen. Zij hadden het erg armoedig op 't oogenblik, maar zij gingen naar Parijs, hoopten daar vooruit te komen.

Alleen Hirschfeld had bepaald geweigerd iets te betalen. Mantua had hèm aangeboden de pui te schilderen. Hij had er later véél spijt van gehad Mantua's aanbod aangenomen te hebben, want Mantua had zijn werk slecht gedaan en hij had dadelijk een nieuwen schilder moeten laten komen. Er was geenerlei overeenkomst omtrent betaling gemaakt. Hij betaalde dan ook geen rooie heller, of hij moest gedwongen worden door den rechter. Mantua moest hem maar vervolgen.

Zij vertelde, dat zij naar Parijs gingen, dat ze daarvoor geld noodig hadden.

„Dan moet-ie maar uit Parijs procedeeren," grimlachte Hirschfeld, nu zeker er van dat hij in 't geheel niets zou behoeven te betalen. ,,Of zij zich niet schaamde, haar ouders zoo n verdriet aangedaan te hebben. Dat hij haar in 't geheel niet het recht toekende namens Mantua te komen."

Acht dagen liep zij met de quitantie's de winkeliers af. De Leeuw was de eerste die haar een gedeelte van zijn rekening voldeed. Toen kwam een tweede over de brug. Vlissingen, wien 't goed bleef gaan en die benijders kreeg, hoorde ervan hoe zijn dochter voor Mantua met quitantie's liep, loerde er op haar te ontmoeten om haar midden op straat, zooals hij zeide ,,af te rossen." Maar hij kon voor 's avonds niet weg uit zijn zaak en zoo ontging zij hem.

Zij was zoo naïef geweest om Mantua de vijftig gulden af te geven, die David De Leeuw haar afbetaald had op zijn rekening. Mantua nam het geld met een lach aan, liep 's middags de deur uit, kwam na een paar uur terug zonder geld. Waar hij het had gelaten, vroeg ze verschrikt. Een omstandig verhaal volgde. Hij had een bonten stola willen koopen voor haar en een zijden japon. Maar op de Korte Prinsengracht was een standje geweest. Een gezin werd op straat

Kalverstraat. Dl. II. ^

Sluiten