Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenig medelijden. Wat was die man verouderd in een paar jaar tijds . .. Vroeger liep hij zoo recht als een kaars ... em nu stond hij daar gebogen... En zijn haar was peper en. zout geworden en zijn oogen keken bedroefd . . .

„Wij hebben allemaal ons leed, mijnheer De Leeuw... Wat mij met mijn dochter gebeurd is, ga je óók als vader zijnde voelen... Ze is nu al derdehalf jaar weg... derdehalf jaar."

„En heeft u in al dien tijd niets van haar gehoord?"

„Dat zal ik niet zeggen... Zie je, slecht, wat je slecht noemt, is ze nooit geweest... Ze heit me geschreven, telkens geschreven..."

„Welnu, wat wilt u dan meer?"...

„Maar ik wou dat ze van die man af was. Ze kon morgen den dag weer bij mij komen... alsof er niets gebeurd was...

„Wil ik u eens wat zeggen ... er zijn menschen, die ongelukkig worden door de omstandigheden en er zijn menschen, die zichzelf het leven tot een hel maken ..."

„Daar bedoelt u mij mee?"

„Eerlijk gesproken ... ja. Waarom geef je je toestemming niet?... Waarom laat je ze niet trouwen?..."

„Daar zeit-u opeens zoo wat!"

„Ik zweer u, als ik morgen voor mijn Molly zoo'n partij vond als Fresco, zou ik haar ja geven . . . met pleizier . . ."

Vlissingen trok even zijn mond terzij, denkend aan 't verhaal van de geweigerde goede partijen.

„Die Fresco is knapper geweest dan wij allemaal met elkaar geweten hebben... Hebt u 't Handelsblad gelezen?"

„Ik houd alleen „De Tijd".

„Lees dan eens hier . . . lees dat artikel eens . .

De Leeuw reikte Vlissingen de courant over met het artikel over Fresco naar buiten gevouwen. Vlissingen las het, langzaam en moeielijk, terwijl De Leeuw in spanning wachtte.

„Weet je wat ik je zou raden ... Ik zou ze maar eens terugschrijven ... en ze laten trouwen ... en ze in genade aannemen ..."

Vlissingen knikte wijs. Hij had de brieven van Treesje niet heelemaal vertrouwd. Maar nu de couranten er toch óók over schreven ... nu het daar gedrukt stond ... nu kon het toch. wel eens de waarheid zijn.

Sluiten