Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Weer kwamen hem een paar kennissen voorbij, die hem vroeger wel eens aan de bittertafel bij Teilekamp hadden ontmoet. Toen ze hem zagen, schenen beiden te schrikken, weken voor hem uit.

Hij verbeet zijn drift, deed alsof hij 't niet merkte. Maar toen ze voorbij waren, kuchtte hij van zenuwen, bracht snel zijn zakdoek aan zijn mond om 't bloederige slijm op te vangen.

,,'k Heb g. v. d. geen schurft," mokte hij. ,,En al had ik het, wat dan nog. Morgen kunnen zij het hebben. Honden zijn wij voor elkaar in de wereld. En voor mijn part ben ik er morgen uit."

Een bedelkind liep hem na.

„Mijnheertje . . . een doossie lucifers, een doossie lucifers . . ."

„Donder-op!" zei hij norsch, maar meteen in zijn zak grissende, haalde hij er een geldstuk uit, een gulden, gaf deze 't kind.

„Daar arme bliksem!"

„Dank u wel mijnheer . . . dank u . . . dank u . . ."

„Hij dankt nog," mompelde Ricardi, voortloopend. „Laat ie er rattekruid voor koopen en zich er dood aan vreten. Dan is-ie er uit. . . Wat heeft zoo n wurm gedaan, dat-ie zoo moet lijden. Ik ben een fielt, ik ben een smeerlap, goed, dat weet ik en ik heb verdiend, dat ik lij wat ik lij, omdat ik met heet bloed in de wereld ben gezet. Maar dat schaap . . . wat heeft dat schaap misdreven ? Rot is de wereld, rot en wie in zijn wieg stikt, moet dankbaar zijn.»

Wéér rilde hij, zette nu op de brug naar 't Koningsplein zijn jaskraag op. Hij sloeg den hoek om. liep de bocht van de Heerengracht op om geen menschen meer te ontmoeten.

tMooi hè, die huizen, waarachtig mooi . . . kom, kom, neem je zelf niet beet. Allemaal gebouwd van gestolen koffie-centen. Daar hebben ze ginds zwartjes voor doodgeranseld en afgebeuld . . . Dieven huizen zijn het. Roofburchten, zooals je ze aan den Rijn ziet. Allemaal rót. De wereld is altijd zoo bedorven geweest. Mijn grootvader heeft mij nog wel verteld van zijn grootvader, die 't weer van een grootvader had, hoe ze van Portugal hierheen waren gekomen en hoe ze hun centen hebben verdiend met schepen naar Indië te sturen, 't Arme schorum werd aangemonsterd en waagde zijn leven op een zeilschuit in duizend gevaren. En zij zaten veilig in Amsterdam

Sluiten