Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor het bedienen van de parochie Eemkerk, welker kerk door het kapittel quoad temporalia bezeten werd; den 30sten Mei 1385 maakten proost en convent van het hun toegekende recht gebruik *), daar de vicaria curata was komen te vaceeren; zij deelden het kapittel mee, dat geen der conventualen bereid was bevonden de vicarie te aanvaarden „et iugum cure huiusmodi subire", waarom zij buiten hun kring een keuze hadden gedaan 2): „ad eandem vicariam cum capellania sibi canonice unita per mortem dicti Johannis Pistoris seu alias qualitercumque vacantem vobis discretum virum dominum Michaelem filium Alardi de Ameronghen presbiterum Traiectensis dyocesis nominamus, supplicantes humiliter quatinus eidem Michaeli dictam vicariam cum capellania sibi unita et universis et singulis pertinentiis eiusdem conferre et ipsum ad eandem venerabili viro domino Archidiacono Traiectensi seu eius officiali presentare dignemini pro institutione canonica debite consequenda" 3).

In de kerk van het Wittevrouwenklooster te Utrecht was den 25ste!! juni JJ54 „een ewyge vicarie" gesticht door F. van Ghendt; het „patronaetschap ofte jus patronatus" had hij zich gedurende zijn leven voorbehouden; na zijn overlijden zouden „patronen ende ghifters" zijn de pater van het Jeruzalemsconvent (een bagijnenklooster te Utrecht) en de abdis van Wittevrouwen,

1) Catalogus v. h. kap.-arch. v. St. Pieter, no. 246.

2) Dit recht n.1., om ook buiten de kloosterlingen een vicarius perpetuus te nomineeren, was aan het klooster gegeven den 4den Mei 1385, toen de stichtingsbrief verduidelijkt en aangevuld was geworden. Catalogus v. h. kap.-arch. v. St. Pieter, no. 248.

3) De hier bedoelde vicarie, die ook door R. J. Minnenbode en zijn vrouw Sophie gesticht was in de kerk van Eemkerk, was nl. met de vicaria curata dezer kerk samengesmolten, waarin door de fundateurs den isten Mei 1385 was geconsenteerd. Catalogus v. h. kap.-arch. v. St. Pieter, no. 245.

Deze vicarie was gesticht den igden Apr. 1380.

Den Bisschop werd verzocht, „dat hi dit confirmeren wil ende haren Michiel priester voerss. tot den voerseyden altaer ende cappelrien institueren wil, als redelic ende ghewoentelic es". Dit deed de Bisschop den ioden Oct. 1380: ... „fundationi et dodationi dicte vicarie seu capellanie... consensum et assensum adhibemus"...; „Dominum Mychaelem Alardi de Ameronghen presbiterum cui eadem capellania per Reynaldum predictum tamquam verum sui collatorem est collata, instituentes in eandem".

Catalogus v. h. kap.-arch. v. St. Pieter, no. 244.

Sluiten