Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ik vind daar een recht zonder subject; een recht zonder subject is onmogelijk; dus heb ik mij vergist en is er wel degelijk een subject, al vind ik het niet?

Dit was inderdaad het geval.

„Men voelde", schrijft Mr. Lohman, „dat een recht zonder subject even onbestaanbaar is, als het mijn en dijn zonder drager"; dat een recht zonder subject was als „een dak zonder huis" !).

Het is niet de vraag, of men iets onbestaanbaar acht maar of het werkelijk onbestaanbaar is. Natuurvolken kunnen zich geene onpersoonlijke natuurkrachten voorstellen en maken er daarom personen van; zijn deze er om die reden ?2).

Vanwaar die meening, dat subjectlooze rechten onbestaanbaar zijn ? Ze vloeit voort uit de definitie, die men van recht geeft; het cardinale bezwaar dat de Heer Lohman tegen de subjectloosheid aanvoert, is het volgende. „Deze leer" — hiermede bedoelt hij het feitelijke bestaan van vermogens zonder dat er „naar het uiterlijk" 3) subjecten van te bespeuren zijn — „is in strijd met het begrip van recht en rechtsorde" 4)

Wat moet men onder recht verstaan? Mr. Lohman antwoordt : „Recht is de door de rechtsorde beschermde wil" 5).

1) L. c. pp. 15, 7.

2) Met „dem tiefen Zuge zur Persönlichkeit, der durch die Menschennatur hindurchgeht , die Zitelmann in de onderhavige quaestie zoo belangrijk voorkomt, laat zich alles bewijzen. Waarom zou deze trek wel de persoonlijkheid van stichtingen en vereenigingen bewerkstelligen en zou op hem ten behoeve van oreaden, dryaden, najaden etc. geen beroep gedaan mogen worden ? Cf. Zitelmann 1. c. p. 33.

3) L. c. p. 5.

4) L. c. p. 6. Uitnemend formuleert Meurer de quaestie (1. c. I. p. 47; cf. echter p. 75): „Wir können uns in unseren Verhsltnissen kein Recht ohne Subject denken. Nun begegnen wir aber der durch die Forderungen des Verkehrs bedingten Thatsache der Existenz von Rechtscomplexen, bei welchen ein wirkliches Subject nicht ersichtlich wird. Ueber diesen conflict eines juristischen Princips und der wirklichen Thatsachen und Bedürfnisse sucht man in verschiedener Weise hinwegzukommen". Cf. Zitelman 1. c. p. 9.

5) L. c. p. 15. Ter loops zij opgemerkt, dat het niet aanbevelenswaardig is het te definieeren begrip in de definitie zelve op te nemen. In casu is het evenwel slechts een in woorden bestaande fout, geen circulus vitiosus, — dit erken ik gaarne, hetgeen echter niet wegneemt, dat, al mag voor het doel waarvoor de definitie gegeven wordt de onjuistheid tot een bloote woordenquaestie worden teruggebracht, deze concessie geenszins in alle opzichten kan worden gedaan.

Sluiten