Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den igden Dec.: „Alsoe den Rade deser Stadt clachtelick te kennen gegeven es, dat sommige quaetwillige hem onderwijnden de goederen int Minrebroedersclooster in bewairnisse gestelt zijnde, te veralieneren ende wech te brengen, vvaer deur geschapen soude zijn grote desordre ende alteratie te mogen geschieden", „omme alle inconvenienten te schuwen", dat door een commissie „alle de voirss. goederen soe wel binnen als buten noch in esse zijnde, openbaerlick mit den erfhuysmeester" zouden worden verkocht, „omme die penningen dair van commende by den anderden Cameraer deser Stadt verstreckt te worden tot nootelicke reparatie vande kerck ende anders mits daer van doende rekeninge ende reliqua tot vermaninge" !). En drie dagen later besloot de Raad, „dat men de Minrebroeders out ende impotent zijnde, die alhier noch gebleven zijn, sal mogen bestellen in een huysinge daer zy by den anderen bliven zullen sonder yemants meer tot hem te nemen dan die gene die hoer gemack ende gerijff doen sullen. Ende sullen by goede inventaris mit hem mogen nemen vuyt den convente voirss. alle alsulcken huysraet ende meublen als zy tot huerl. nootlicke onderhout behouven ende van node hebben by kennisse van Gelis Block, Raet dair toe geschickt, sonder nochtans yet van tselve te mogen veralieneren ofte vervreemden" 2).

De Minrebroederskerk werd alzoo door den Raad den Gereformeerden in gebruik gelaten, meer niet; de kloostergoederen werden door den Raad in bewaring genomen, de conventualen mochten ze niet meenemen of zich toeëigenen. Of de Raad ze zich toeeigende, blijkt uit deze handelingen niet; want de maatregelen, die hij nam, moest hij wel nemen, sedert de Minrebroeders, behoudens enkele ouden en zwakken, de Stad hadden verlaten 3).

Keeren wij thans tot Duyfhuys terug.

De poging van Oct. 1578 van Ds. Helmichius had geen

1) Vroedsch. resol. Cf. ook noot 4 op de vorige bladzijde.

2) Vroedsch. resol.

3) Met het oog op de artt. 10 en 31 der na te melden ordonnantie van 10 Jan. 1579 ware een toeeigening dier goederen niet wel verklaarbaar.

Sluiten