Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den 29sten Juli 1581 werd de instructie definitief vastgesteld, zooals blijkt uit de Statenresolutie van 11 Aug. van dat jaar *), bij welke o. a. den drie genoemden gedeputeerden gelast werd hun taak volgens deze instructie uit te oefenen 2).

De „Instructie voorde gedeputeerden van de Staeten vanden Lande van Utrecht, die gecommitteert zijn om te besoingeren, ordre te stellen ende toesicht te nemen op de cloosteren ende conventen zoo van mans als vrouwen inden Lande van Utrecht geleghen metsgaeders op haere goeden, ten eynde die well onderhouden, geregiert ende geconserveert moegen werden, ende voorts op zulcke vordere poincten die geestelijcke goeden, beneficiën ende officien, zoo ten platten lande als inde Steden etc. ende buyten die vijfïf Godtshuysen gelegen concernerende zijn, waer naer zy hen int exerceren van haer commissie zullen hebben te draegen ende reguleren" 3) kwam op het volgende neer:

Art. 1. „In den eersten zullen van nu voorts aen die Staeten van Utrecht alle jaer drie persoonen committeren, als vuyt elcke Staet

copie doen zal [sc. van die instructie], doch hebben vermits tverloop vante conventen van Oistbroeck ende Reguliers goetgevonden, dat die gecommitteerden lest gedeputeert, naemtelick mr. Jan Schade, Claes van Oistrum ende Peter teyt, ordre stellen zullen op die twe conventen ende mitten eersten disponeren zoo opte alimentatie als andersins".

1) Reg. v. d. beschr. d. St. Beschr. v. 10 Aug. 1581, punt 10:... „persisteren die vande Ritterschap ende Steden by voirgaende resolutie ende instructie vanden 29en Julii opte conservatie van de Geestelicheyt ende hare goederen genomen, verstaende dat dselve resolutie zijn effect sorteren zal", sc. „ten eynde dat tgheene opde administratie ende conservatie vande Geestelickheyt ende haere goederen geordonneert ende oock by zekere instructie voor de gedeputeerde daertoe gestelt off te stellen realick ende mitterdaet ter executie gestelt mach worden".

De onwilligen zouden gestraft worden met „privatie van haerluyder beneficiën."

Cf. in reg. no. 59 dl. I. ff. 60 sqq. het opschrift der later te vermelden memorie.

2) Reg. v. beschr. d. St.

3) Reg. no. 59, dl. I. ff. 31 sqq. Cf. Mr. Verloren 1. c. bijl. A. 8. Zóó is ze echter niet den 29sten Juli 1581 vastgesteld; ze is naderhand aangevuld en gewijzigd. Zooals ze hier wordt meegedeeld, is ze waarschijnlijk vastgesteld door de °P P* 3*4 te noemen commissie.

Het bezwaarschrift der Kapittelen tegen de instructie (cf. p. 305) klopt dan ook niet met de instructie, zooals ze in het register staat, evenmin als het antwoord der Staten (cf. p. 306). De toevoegingen der commissie van p. 314 worden daarentegen in de instructie gevonden.

Sluiten