Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daerop dandere Staten scydcn, dat sulcx volgende dUnie den Staten alleen toequam" J).

Het college, dat voor de naleving van het Redressement had te zorgen, was alzoo verdwenen; van een herstelling ervan is mij nergens iets gebleken 2). Deze schijnt ook niet in de bedoeling der Staten te hebben gelegen; immers het 25ste punt der beschrijving van 3 Febr. 1589 luidde: „Alsoo die camer tot directie vande geestelicke goederen opgerecht gesuspendeert es, ende dat nochtans bevonden wordt, dat eenich toesicht opde selve goederen sall moeten wesen, ende sonderlinge van cleyne beneficiën als vicaryen ende anderen, oft nyet geraiden es, daerop eenich ordre te stellen", waarop 10 Jan. 1590 besloten werd: „committeren Rengers, Moersbergen, Spruyt, omme met Johan Corneliss. ende den Secretaris te visiteren die Directiecamer ende te besien, off alle die stucken daer zijn, die daer behooren te wesen, ende tgheen daeraen ontbreekt den voorn. Enschede te doen leveren, sonderlinge het originel besoigne; off soo hy weygerich es, hem daertoe by gyselinge ende anderssins te doen constringeren" 3).

Tevens werd aan een commissie, bestaande uit de heeren Buth, Moersbergen en Spruyt, bijgestaan door den Advocaat, opgedragen, advies omtrent het toezicht op de geestelijke

l) Keg. v. d. beschr. d. St. Reeds in Sept. broeide er wat, blijkbaar van de zijde van de Stad Utrecht, die hare oude aanspraken nooit had opgegeven. De Gedep. Staten bepaalden nl. 4 Sept. 15S8: „Van den Berch, Zudoert metten Secretaris zijn gecommitteert, om die vander Stadt op morgen te gaen berichten vande Directiecamer, ten eynde zy egheen nyeuwicheyden invoeren willen tegens dordonnantie daerop gemaect ende by zijn Excellencie geapprobeert"; en den I2den dier maand: „van den Berch, Zudoert ende den Secretaris zijn gecommitteert , om die Magistraet deser Stadt te remonstreren ende te versoucken,... dat zy die Staten mainteneren willen inde ordre opde geestelijcke goederen volgende dacte by hemluyden opde depesschemente vandien onlancx gedepesscheert". Reg. v. d. resol. d. Gedep. St.

2) Het is vreemd, dat aan Mr. Verloren niets bekend is geweest van het ondergaan van de zon der Directiekamer; het register der Statenbeschrijvingen over 1588 en ook het register no. 59 waren toch, toen Mr. V. zijn werk samenstelde op het Utr. arch. aanwezig en gecatalogiseerd; toch schrijft Mr. V. op p. 541: „Daar het deel der Resolutiën der Staten over 1588 ontbreekt op het prov. archief' etc.

3) Reg. v. d. beschr. d. St.

Sluiten