Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de werkelijkheid, zoodat voor haar onjuistheid de historie dezer goederen een krachtig bewijs vormt l).

Toch hebben de Staten in het wezen der zaak met alle geestelijke goederen op dezelfde wijze gehandeld, althans in het algemeen gesproken; of m. a. w., de Reformatie heeft op zich zelve op alle geestelijke goederen denzelfden invloed gehad: gewijzigde, gereformeerde bestemming; eerst in de toepassing van dit algemeene beginsel ligt een grond om scheiding te maken tusschen de verschillende geestelijke goederen.

Conservatie en reformatie: met deze twee woorden is in het algemeen alles gezegd.

Zoo werden de Kapittelen, als het niet goedschiks ging, gedwongen , hunne kerken voor den Christelijken eeredienst te openen en ze daarvoor in bruikbaren staat te houden.

Zoo werden zij gedwongen in de kosten van dien eeredienst hun deel te dragen 2).

Zoo werden zij gedwongen, om ook andere gebouwen ten gebruike te stellen ad pios usus. Hierin lag geen schending van hunne rechten; want het kapittelvermogen was niet hun privévermogen, maar werd enkel door hen beheerd en genoten binnen de grenzen van zijn bestemming; een ius abutendi vond hier geen plaats. De Overheid — wie anders ? — was het, die deze bestemming, nu ten gevolge der gereformeerde opvattingen de oude niet anders dan gereformeerd kon worden verwerkelijkt, had te détailleeren.

Dat deze in de uitoefening van haar taak eer te kort is geschoten dan te ver gegaan, is een feit; het was de oorzaakvan de heftige beroeringen in de 17de eeuw in zake van de kapittelgoederen.

1) Mr. Verloren (Rapport etc. p. 40) schijnt werkelijk te meenen, dat de kapittelgoederen Provinciale eigendommen zijn geworden. „Deze kapittelen behielden alzoo het beheer en bewind over hunne goederen, doch mochten die niet vervreemden zonder consent der Staten. De vrijstelling betrof alleen het beheer der kapittelgoederen; daaruit volgt dus nog niet dat zij en niet de Staten eigenaars der goederen waren. Die theoretische eigendomsquaesl ie is in de vergadering der Staten nooit geventileerd, maar 't schijnt wel, dat de Staten zich toen en later als eigenaars beschouwd hebben, even als van de overige geestelijke goederen , zoodat de exemtie alleen betrof het beheer."!

2) Hierover later.

Sluiten