Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goederen door het Gerecht verklaard werden daarvoor „pandtbaer en executabel te zijn".

Lr staat bij aangeteekend, dat „de principale van dese renthebrieff onder den ontvanger der Gebeneficieerde goederen berustte *).

Het verbod van aliënatie van geestelijke goederen steunde

I) Reg. no. 59. Memoriaal etc. ff. 73 vo. sqq.

In de verplichting om de obligaties aan den rentmr. der Geben. goederen in bewaring te geven ziet Mr. Verloren (1. c. p. 422) een bewijs voor zijn theorie van het Stateneigendomsrecht der vicariegoederen! Letterlijk alles beziet hij door dien bril. Het was niets dan een maatregel van superintendentie, genomen om de obligaties niet te laten verduisteren of verloren gaan; kon dit doel ook langs anderen weg bereikt worden, dan werd ook die wel ingeslagen.

Door den possesseur der vicarie van St. Petrus en St. Paulus in de Buurkerk werd aan de Gedep. Staten verzocht om, ten einde het inkomen der vicarie te verbeteren, aan haar behoorend land te mogen verkoopen; ze was den 3den Nov. 1487 door Gerrit van Haerlem gesticht, die „daertoe heeft gegeven den vryen eygendom" van het bedoelde land; de collator bewilligde in den verkoop bij acte d.d. 15 Dec. 1617, in welke hij verklaarde te consenteeren en te bewilligen, dat de bedoelde landen, „behoorende aen het corpus der voorss. vicarie", in het openbaar verkocht werden, mits de kooppenningen „ten behoeve vanden possesseur inder tijt beleydt" zouden worden op hypotheek en de rentebrieven in het archief der Buurkerk bewaard werden. De possesseur beloofde voorts, ten overstaan van den rentmeester de verkooping te zullen doen en niet dan met diens „advijs" „ten behouve vanden possesseur inder tijt" den koopprijs op hypotheek te zullen beleggen en de brieven in archivis der Buurkerk te zullen deponeeren.

Overeenkomstig dit verzoek werd den 2isten Apr. 1618 door de Gedep. Staten beschikt: „ten behoeve ende meesten oorbaer vande vicarye" mocht de verkoop geschieden, ten overstaan van den rentmr. der Geben. goederen en een van de kerkmeesters der Buurkerk, mits de penningen belegd werden ten overstaan van de gemelde autoriteiten „ten behouve ende prouffijte vande voorss. vicarye", en de rentebrieven in de archieven der Buurkerk bewaard werden. Reg. no 59. Tweede mem. etc. ff. 201 vo. sqq.

Den 25sten Mei 1632 beschikten de Gedep. Staten omtrent dezelfde vicarie op een request van den collator, waarin hij hun „als Superintendenten vande selve" verzocht hem toe staan aan de vicarie behoorend land te verkoopen en commissarissen te benoemen om met hem den verkoop en de belegging van de koopsom „op deposito vanden ontfanger generael" te bewerkstelligen. Door de Gedeputeerden werd de verkoop van het land „aende voorss. vicarye specterende" „geconsenteert", o. a. onder de verplichting van den patroon de kooppenningen op hypotheek te beleggen, „alles ten meesten oirbaer ende verseeckeringe der voorss. vicarye" en ten overstaan van gecommitteerden der Staten. Aan het verlof was de conditie verbonden, dat een aan gecommitteerden der Staten opgedragen onderzoek naar de

Sluiten