Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. i. De „conventengoederen" mochten niet worden vervreemd of bezwaard dan met „expres consent ende believen" van de Staten of van wie zij er toe zouden deputeeren; verhuringen mochten niet plaats hebben dan „int bywesen ende by believen" van iemand, dien de Staten er toe gedeputeerd hadden of deputeeren zouden volgens de „generaele instructie opde administratie ende conservatie vande geestelijcke goederen gemaect", volgens welke ook alle verzochte stukken en registers aan de Staten of hunne Gedeputeerden ingeleverd moesten worden.

Art. 2. Voor opneming „in haerluyder conventen" was „advijs ende consent" van gedeputeerden uit de Ridderschap (door de Staten) vereischt; deze gedeputeerden hadden in het algemeen te zorgen voor de naleving dezer ordinantie en „die joffrouwen ... in haer gerechticheyt voor te staen".

Art. 3. Alleen adellijke meisjes, „zonder opspraeke' , mochten voortaan worden opgenomen.

Art. 4. Om opgenomen te worden was een leeftijd van minstens 6 jaren vereischt.

Art. 5. Gehoorzaamheid en reverentie aan de „abdisse ende tgemeen capitule vande joffrouwen" moest bij de opneming in het convent bij eede worden beloofd, voor zoo lang zij „in ofte vanden convente" zouden wezen „ende die provens genieten"; en voorts: „dat zy oock die ordinantie ende statuten vande conventen gemaect ofte te maeken ende byde Staeten belieft ofte oock die die Staeten over die voorss. conventen gemaect hebben ende noch zullen maeken onderhouden zullen".

Art. 6. Het grootste gedeelte van het jaar moesten zij binnen het convent wonen; in elk geval was het consent der abdis noodig, om buiten het klooster te gaan; terwijl een ver-

eenige gecommitteerden benoemd; 1. c. f. 66, (art. 2 schreef echter slechts een benoeming uit, niet door de Ridderschap voor).

Den 5den Sept. 158: werden de Staten beschreven (punt 37) 0111 te besluiten op een „concept van een ordonnantie gemaeckt opde Joffrouwenconventen .

Den I2den Oct. 1581 verklaarde de Ridderschap deze instructie „uyt crachte ende in conformite vande naerder Unie goet [te] vijnden, ende hebben overzulex dselve geapprobeert". Reg. v. d. beschr. d. St. Beschr. v. 12 Oct. 1581.

Sluiten