Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Indicativo. Aantoonende wijs.

Presente.

Hablo, ik spreek, enz. Cömo. ik eet, enz. Vïvo, ik leef, enz.

hablas cömes vïves

habla cöme vïve

hablamos comëmos vivlmos

hablsiis coméis vivis

hablan. cömen. vïven.

lmperfecto.

Hablaba comia vivia

hablabas connas vivias

hablaba comia vivia

hablabamos comiamos viviamos

hablabais comiais viviais

haJjlaban. comian. vivian.

Regel V. Er zijn in het Spaansch drie vervoegingen. De werkwoorden der eerste vervoeging eindigen in den Infinitivo op ar. die der tweede op er, die der derde op ir.

Het accent valt in den Infinitivo steeds op den uitgang, in het Presente op de laatste lettergreep van den stam (behalve in den len en 2er' pers. mrv.), en in het lmperfecto op de lettergreep, die het accent heeft in den len pers. enk., dus in de le vervoeging op de eerste a van aba, en in de 2e en 3e op <k i van ia.

Opmerking. Tot gemak van den leerling hebben wij de geaccentueerde lettergreep aangeduid door een liggend streepje, wanneer zij niet door het acento (') moest worden aangegeven.

Sluiten