Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Regel Vi. Bij alle regelm. ww. is de bevestigende Iniperativo 2e p. E. gelijk aan den 3en p. van den Ind. pres.; de 2e p. M. wordt gevormd door de r van den Infinitivo te veranderen in d, de overige personen en ook de 2e p. E. en Mrv. van den ontkennenden Imperativo zijn gelijk aan de overeenkomstige personen van den Subjuntivo.

Regel VII. De uitgangen in de 3e vervoeging zijn in alle tijden dezelfde als die der 2e, uitgezonderd de le en 2e p. Mrv. van den Ind. pres., en de 2e p. Mrv. van den Imperativo bevestigend.

Regels voor het Accent *).

Kegel I. In alle tijden hebben alle personen den klemtoon op dezelfde lettergreep als de eerste pers., m. a. w. dezelfde lettergr. (de le, 2e, 3e, enz. van voren) die den klemtoon heeft in den len pers. enk. heeft dien ook in de overige personen van denzelfden tijd.

Uitgezonderd: de le en '2e p. 3Irv. van den Ind. pres. en den Subj. pres., die altijd het accent hebben op den uitgang: amos, ais, ëmos, éis. ïrrios, fs; ëmos, éis, amos, ais.

Regel II. Daar de eerste persoon E. in alle tijden eindigt op een klinker, valt (volgens den algemeenen regel der accentuatie) **) de klemtoon in dien persoon op de voorlaatste lettergreep.

Uitgezonderd: De le pers. van den Pretérito la forma en van het Futuro (bijv. amé, amaré; comi, comeré; vivi, viviré).

N. B. Ook de 2e p. Mrv. Imperativo heeft den klemtoon op de laatste lettergreep: amad, comëd, vivïd.

*) Bij de beoefening der onregelmatige vervoeging zal uien bemerken, van hoeveel gewioht het is de regels voor het accent goed bestudeerd te hebben.

**) Zie Inleiding § 2.

Sluiten