Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ellos; hun, les, hen, los.

ellas; haar, les, las.

zich, se, se.

Opmerkingen, a. De Real Acadèmia espanola keurt het gebruik af van les (in plaats van los) in den acc. mrv. mnl. en het gebruik van la en las (in plaats van le en les) in den datief vrouwelijk.

b. Het voornw. ello (het, dit, dat) is uitsluitend onz. enk. Het heeft nooit betrekking op een vroeger genoemd zelfst. nw., bijv.

Ello podra ser verdad, Het kan waar zijn, maar

pero no lo creo. ik geloof het niet.

Ello parece diflcil, pero Het (dit, dat) schijnt moeino lo es. lijk, maar is hei niet.

c. De voornaamwoorden me, te, le, lo, la, se etc. staan achter den Infinitivo, het Gerunilio en den Imperativo bevestigend, en vormen dan éen woord met het ww.

Mirarme, mij aanzien.

mirandome, mij aanziende.

mirame, zie mij aan.

mireme V., zie mij aan.

N.B. Uit mirandome. mirame, min me V., blijkt dat op de betoonde lettergreep het accent geschreven wordt, als tengevolge van de aanhechting van het voornw. de accentuatie niet plaats heeft volgens den hoofdregel *) derhalve: mirando, mlra zonder geschreven accent, mirdndome, mirdndola, mirate, miralos met accent.

d. De voornw. me, te, le, la etc. staan vóór het werkwoord, als dit niet staat in den Infinitivo, het Gerundio of den Imperativo bevestigend.

*) Zie Inleiding § 2.

Sluiten