Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volgt, dat gij gelijk hebt. Zou het noodig zijn dat wij hier bleven (Subj. imp.)t Het is niet waar, dat hij hier geweest is.

Vocabulario.

El refran, het spreekwoord. perjudicar, benadeelen.

la fama, de naam. entenderse (Gl. I), elkaar verel encargo, de opdracht. staan.

lo módico, i de matigheid, firmar, onderteekenen.

la baratura, 1 de goedkoopte, me da el sol ( de zon schijnt mij

el orden, de orde. en la cama, 1 in het bed.

el desorden,dewanordelijkhi id. apretar (Cl. I), knellen.

la cólera, de toorn. inducir (Cl. III), brengen tot.

el miedo, de vrees. aspirar, streven.

el consejero, de raadsman. distinguir, onderscheiden.

la sabiduria, de wijsheid. faltar, ontbreken.

la frugalidad. de matigheid, alabarse de, zich beroemen op.

soberheid, pasar por, doorgaan voor.

la templanza, de gematigdheid, descubrir, ontdekken.

el ensayo, de proef. curar, gemzen.

el dolor de muelas, de kiespijn, gozar, genieten.

recuerdos mlos, de compli- contener, v. irr., in bedwang

menten van mij. houden.

las providencias, de voorzor- percibir, bemerken.

gen, voorzorgsmaatregelen, tornar el partido, de partij la equivocación, de vergissing. kiezen.

los gastos, de kosten. dictar, voorschrijven.

el pagador, de betaler. es lastima que, het is jammer el alza (f.), de stijging, rijzing dat (con subj.).

(in den prijs), ocasionar, veroorzaken.

el patinador, de schaatsenrijder, correr de cuenta ^ voor mijn, zijn

la caja, de kist. mia, suya etc., -enz. rekening

komen.

Sluiten