Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Opmerkingen.

a. De niet aangegeven tijden worden naar de bekende regels gevormd.

b. Als venir worden vervoegd de samenstellingen van venir: Avenir, schikken, gebeuren. intervenir, tusschenbeide contravenir, overtreden. komen, convenir, overeenkomen, passen. pro venir, voortkomen. desavenir, in onmin brengen, prevenir, voorkomen. desconvenir, niet eens zijn. sobrevenir (ó supervenir), onreconvenir, weerleggen, ver- verwacht komen.

wijten, subvenir, (ondersteunen.

Ejercicio 185. Ter vervoeging:

Venir, intervenir, prevenir.

Ejercicio 186. Verander in den volgenden zin te in os, in le en les:

Te dije que vinieses cuando quisieras, pero nunca viniste.

Ejercicio 187. Ter vertaling:

Ik kom, ik kwam, ik ben gekomen, ik was gekomen. Gij overtraadt, gij hebt overtreden, gij hadt overtreden, gij zult overtreden. Hij is tusschenbeide gekomen, hij was tusschenbeide gekomen, hij zal tusschenbeide komen, hij zal tusschenbeide gekomen zijn. Hij had voorkomen, hij zal voorkomen, hij zal voorkomen hebben, hij zou voorkomen. Wij zullen voorkomen, gij zult overeengekomen zijn, gij zoudt voorkomen, gij zoudt overeengekomen zijn. Zij zouden komen, het zou onverwachts komen. Laten wij overeenkomen, laten zij tusschenbeide komen. Kom, kom niet, komt tusschenbeide. Dat ik overtrede, dat gij voorkomt, dat hij weerlegde, dat wij zullen overeenkomen.

Sluiten