Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verzameling der Leidsche bibliotheek mij de gelegenheid om ook het bekende werk van ibn-Hazm en het minder bekende van ibn-Qoteiba over de onderling verschillende traditiën ') te vergelijken. Een enkel woord over dit boek moge hier eene plaats vinden. Ibn-Qoteiba leefde nog in den tijd, toen de Motazelieten wetenschappelijk den grootsten naam hadden en hun systeem zoo goed als het eenige was. Zijn leeftijd valt nl. nog geheel binnen de grenzen der tweede periode. Zelf had hij de lessen der Motakallims (dogmatici, godsdienstphilosophen, die toen allen ketters waren), bijgewoond, maar neiging, bizondere omstandigheden of wat dan ook trokken hem tot de studie der orthodoxe theologie, welker object toenmaals de Qoran en inzonderheid de traditie was. De laatste nu was door den bekenden Motazeliet el-Nattham en anderen vrij onzacht aangevallen, waaruit ibn-Qoteiba aanleiding nam om haar tegen hen te verdedigen. Zijn werk is dan ook een kunststuk van harmonistiek, hetgeen wel van eene nadere kennismaking zou afschrikken, ware het niet, dat de auteur aan zijn werk eene breede inleiding had doen voorafgaan, waarin allerkostbaarste mededeelingen voorkomen over de Motakallims, de mannen van het oordeel v_jLs=usI)

en beider tegenstanders de traditionarii. Ik heb er ernstig aan gedacht om deze inleiding als een appendix bij dit proefschrift uit te geven, doch verschillende redenen hebben mij voorloopig van dit plan doen afzien.

Andere werken zoowel gedrukte als ongedrukte ga ik

1) sjciï. Vg. Hadji Khal. II, 174. V, 159, 462.

Cat. Cod. Or. IV, p. 54. volg. In zijn werk over de vreemde uitdrukkingen in de traditie (Hadji Khal. IV, 325. V, 560) had hij hetzelfde onderwerp reeds even aangeroerd. Cod. Lugd. f. 12.

Sluiten