Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om hen aan te duiden, die al deze ketterijen, waarbij zich spoedig nog andere voegden, gezamenlijk voorstonden. Eene andere toevallige omstandigheid heett dit buitendien in de hand gewerkt en daar deze dikwijls uit het oog verloren is, moet ik er hier noodzakelijk melding van maken, ofschoon Steiner in het meermalen aangehaalde werk er reeds op gewezen heeft. Dat wat eene handeling noodzakelijk maakt, wordt in het Arabisch genoemd „qadar" (jXi) en dit woord is de eigenlijke kunstterm geworden voor het decretum divinum, dat volgens de opvatting der Predestinatianen elke handeling te voren bepaalt. Zij evenwel. die den vrijen wil leerden, begonnen met het qadar niet uit te strekken tot de menschelijke handelingen en beweerden, dat het qadar over dezen aan den mensch zeiven toekwam, niet aan God. Kortom zij hadden altijd den mond vol van het qadar, zoodat men hen spottenderwijs Qadarijah noemde. Nu was dit op zich zelve zoo erg niet

( maar er waren twee stellig onechte traditiën van den

profeet in omloop, die de leer der Qadarijah van te voren veroordeelden en aldus luidden; „de Qadan is de Magiër ) dezer gemeente", en: „Zij zijn de vijanden Gods, wat aangaat het qadar". De voorstanders van den vrijen wil vonden derhalve dien naam erg hinderlijk en poogden hem hunnen tegenstanders de Predestinatianen aan te wrijven, waartoe, gelijk wij zagen, de dubbelzinnigheid van het woord qadar gereedelijk aanleiding gaf. Ibn-Qoteiba ijvert daartegen met alle macht, gelijk men denken kan, want op die wijze zouden de uitvinders dier traditiën niet on-

I) Al gebruik ik hier het enkelvoud evenals Steiner, ik vind desniettemin zijne gissing op pg. 28. noot 3. uitgesproken geheel onaannemelijk, zooals uit het vervolg nader zal blijken.

Sluiten