Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doordenken. Ten opzichte van vele gewichtige artikelen des geloofs is het tegenwoordig voor iemand, die twijfelt, het beste en het slechtste dat hij doen kan — eenvoudig alles maar aan te nemen. Maar aan wien is die stand van zaken te wijten ? Hij komt tot de eeuw waarin wij leven, als een noodzakelijke eisch om alles te herzien. De oude grond des geloofs, het Gezag, is prijs gegeven ; de nieuwe, de wetenschap, heeft de plaats van 't Gezag nog niet ingenomen. Vroeger verlangden de menschen de waarheid niette zien; zij hadden er genoeg aan haar te gelooven. De waarheid is door de theologie dan ook niet voor ons geplaatst in een zichtbaren vorm — welke echter haar oudste vorm was. .Maar nu wil men haar zien. En als zij den menschen vertoond wordt, deinzen zij in wanhoop terug. Wij zullen niet zeggen, wat zij zien. Maar wij zullen zeggen, wat zij moesten zien. Indien de natuurwetten waren doorgetrokken tot in de geestelijke wereld, moesten zij de groote lijnen van de godsdienst-waarheid even duidelijk en eenvoudig zien als de breede lijnen der wetenschap. Wanneer zij die natuurlijkgeestelijke wereld gadesloegen, zouden zij tot zich zeiven zeggen: „Wij hebben iets dergelijks reeds gezien. Deze regelmatigheid is ons bekend. Zij is niet willekeurig. Deze wet hier is die oude wet ginds, en dit verschijnsel hier, wat kan het anders zijn dan hetgeen juist in dezelfde verhouding stond tot de wet ginds?" En zoo ontvangt trapsgewijze van dien nieuwen vorm alles een nieuwe beteekenis. De natuurlijke wereld wordt van lieverlee geestelijk. De natuur is hier niet blootelijk een beeld of zinnebeeld van het geestelijke. Zij is een werkend model van het geestelijke. In de geestelijke wereld wentelen dezelfde wielen — maar zonder het ijzer. Dezelfde figuren gaan en komen op het tooneel, hetzelfde proces van groei vertoont zich, dezelfde functiën worden verricht, dezelfde biologische wetten heerschen er, alleen met een verschillende kwaliteit van leven. Plato's gevangene heett, zoo hij zijn spelonk al niet verliet, althans het gelaat opgeheven in het licht. ')

Welk een deel van de geestelijke wereld nu nog ligt buiten

) Beek, Bibl. Psychol.

Sluiten