Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

evolutie noodig zal hebben voor de ontwikkeling \an haar organisme, zal de hoogcre biologie haar niillioencn eischen. Wij hebben gesproken van de geestelijke gemeenschap, als iets dat aireede volkomen was — maar zij is slechts in denzelfden zin volkomen als de knop. „Het is nog niet geopenbaard wat het zijn zal," evenmin als het voor een millioen jaren openbaar was, wat eenmaal de zich ontwikkelende kikvorsch zou zijn.

Maar keeren wij tot ons onderwerp terug. Wij hielden ons bezig met de wetenschappelijke zijde der gemeenschap met God. Ongemerkt gingen wij er toe over, om in plaats van over quantiteit, te spreken over qualitcit. En wij hebben nu reeds genoeg aangevoerd, om in t algemeen den aard van die betrekking te doen uitkomen, niet welke het eeuw ige leven noodzakelijk verbonden is. Er blijven nu slechts twee of drie bijzonderheden overig, bij welke wij in de eerste plaats, en wel zeer kort moeten stilstaan.

De eigenschap van altijd voort te duren behoort, zoo als wij zagen, bij één enkele betrekking, of liever bij een reeks van betrekkingen, maar het behoeft geen betoog, dat eer die betrekking geheel en al zich kan doen gelden, een ander proces noodzakelijk is. In sommige opzichten moet zij gescheiden zijn van alle andere betrekkingen van het organisme, welke deze haar bijzondere hoedanigheden missen. In dit leven wordt zij beperkt door die andere betrekkingen. Zij kunnen haar versterken, of hinderen, maar ze zijn wezenlijk van een andere orde. Zij behooren niet tot de eeuw igheid maar tot den tijd, en tot deze tegenwoordige wereld, en zorgt men er niet voor zijn verhouding tegenover haar te regelen, dan zullen zij het omhoog strevend organisme vasthouden in deze tegenwoordige wereld, totdat de tijd zal zijn verstreken. Daarom behoort, in zekeren zin, alles wat van den tijd is, ook tot de eeuwigheid ; maar deze lagere betrekkingen zijn krachtens haren aard ongeschikt voor een eeuwig leven. Zelfs indien zij volkomen waren ten aanzien van haar verhouding tot hare omgeving, zoo zouden zij nog niet eeuwig zijn. Ofschoon, schijnbaar, in strijd met de wetenschappelijke definitie van eeuwig leven, blijft het toch waar, dat volkomen gemeenschap met de omgeving nog niet

Sluiten