Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het Christendom, en let nu nog eenmaal op zijn volstrekte natuurlijkheid. Met het streven van het type houdt de geheele natuur zich bezig. Plant en insect, visschen en kruipende dieren, vogels en zoogdieren — zij allen streven in hun onderscheiden sfeer naar het bereiken van hun type. Zijn uitroeiing te voorkomen, het te veredelen ; aarde, zee en lucht er meê te vervullen : dat is het doel van de worsteling om het bestaan. En dit is ons leven — het type na te jagen, de wereld er meê te bevolken.

Onze godsdienst vergist zich niet. Wij hechten niet aan vizioenen. Wij zijn niet „onpraktisch," zoo als men dat noemt, wanneer wij God vereeren. Het streven om Christus na te volgen beduidt niet: al te rechtvaardig te willen zijn. Eerlijke menschcn spreken geen wartaal, als zij prediken ; en zij verbeuzelen niet hun leven, die zichzelven opofferen, om het koninkrijk Gods uit te breiden op aarde. Daarvoor is het leven. De Christen is met dit zijn levensdoel in volkomen overeenstemming met de natuur. Wat de menschen in hem bovennatuurlijk noemen, is volmaakt natuurlijk.

Men lette ook op het heerlijke van deze voorstelling van de zaligheid. Het wil niet alleen zeggen „gered" te wezen, vergeving van zonden te ontvangen, ontheven te worden van den vloek. Het wil nog iets anders zeggen, dan dat onbepaalde „naar den hemel te gaan." Het wil zeggen : gelijkvormig te worden aan het beeld van den Zoon. Het wil zeggen, dat deze armelijke bestanddeelen, waaruit wij zijn samengesteld, de hoogste schoonheid ontvangen zullen. En daar het organiseerend leven eeuwig is, moet die schoonheid ook onsterfelijk zijn. Haar opklimming tot het vlekkelooze is reeds gewaarborgd. En meer nog dan dit alles: hier is reeds vervuld de verhevenste van de profetiën; geen schoonheid alleen, maar eenheid is verzekerd door het type — eenheid van mensch en mensch, God en mensch, God en Christus en mensch, totdat „allen één zullen zijn."

Had de wetenschap in hare schitterendste anticipaties op de toekomst van haar hoogste organisme ooit een ontwikkeling gelijk aan deze kunnen vermoeden ? Maar nu de openbaring haar geworden is, erkent zij het als het punt, dat in de evolutie nog ontbrak, als het hoogtepunt, waarheen de

Sluiten