Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ste de plechtige belofte had, dat de ander de bewuste voorwerpen niet zou aanraken, werd de vereischte toestemming van de eigenaars der plaats verkregen. Nu ging onze vriend, vergezeld van een ander jongmensch, die tot eene familie in de buurt behoorde, er heen. Hij kwam juist vóór etenstijd terug, vol warme en groote belangstelling voor de oude plaats en den aanblik, dien deze bood door het verwilderde erf, dat sinds menschenheugenis verwaarloosd was. „Gij raaktet toch de bewuste voorwerpen niet aan?"- vroeg de gastheer. „Neen, natuurlijk niet," was het antwoord. „Ik had U immers beloofd, het niet te doen, maar het was ook niet noodig; zij zijn in een glazen stolp en mijn vriend en ik lichtten ze slechts even op met stolp en al om het geheel beter in 't licht te kunnen zien, waarna wij het weer terugzetten."- De gastheer, die er meer van wist, was in t geheel niet gesticht op 't hooren, dat zelfs dit was gedaan, maar voor het oogenblik werd er niet verder meer over gesproken. Gedurende het avondmaal was de overmoedige opgewekt en vroolijk. Daarna verontschuldigde hij zich wegens vermoeidheid en ging vroeg naar zijn kamer.

Kort daarop werden boven kreten en leven gehoord. Haastig wam een knecht aangeloopen om te zeggen, dat er iets gebeurd was en toen de gastheer en de anderen naar boven snelden, vonden zij den jongen man, die het verlaten huis bezocht had, op den vloer z.jner kamer in een zeer verontrustenden toestand ïggen, beenen en armen stijf als een plank, de oogen verdraaid m hun kassen en natuurlijk geheel buiten kennis. Alles wat de omstanders bedenken konden, werd voor hem gedaan. Toen de dokter, die in allerijl gehaald was, kwam, kon hij niets anders aan de hand doen, maar hij gaf de hoop op, dat de patiënt in leven zou blijven. Inderdaad bleef hij echter leven. Tegen den morgen werd een flauw wederkeeren van het bewustzijn merkbaar en langzaam aan herstelde hij van de ziekte, die op het toeval volgde. Den dag na deze gebeurtenis vond de gastheer gelegenheid om een boodschap te sturen naar het huiswaarde metgezel van den vorigen dag logeerde. Het antwoord was: Wij kunnen niet komen; onze jonge vriend heeft ons een verschrikkelijken nacht bezorgd. Hij had een vreeselijk toeval; wij dachten dat hij dood was; eerst tegen den ochtend vertoonde hij weder eenig teeken van leven."

Sluiten