Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maatschappelijke toestanden, de regelmatige ontwikkeling van het Staatsleven op gewelddadige wijze wordt onderbroken. Indien Nederland, in tegenstelling tot wat in schier alle beschaafde Staten reeds geschied is, bij zijn beperkt kiesrecht wilde volharden, dan zou het — naar te vreezen staat — zoodanige fout ernstig moeten boeten.

Met het bovenstaande willen wij slechts te kennen geven, dat reeds uit een oogpunt van zelfbehoud voor den Staat, het algemeen kiesrecht moet worden ingevoerd. Geenszins echter is bedoeld, dat dit zou zijn te beschouwen als een kwaad, dat moet worden aanvaard uit vrees voor erger. Integendeel.

Evenmin als uit andere zaken, die groote en ver reikende gevolgen hebben, komt uit het algemeen kiesrecht uitsluitend goed of uitsluitend kwaad voort. Er zijn politieke nadeelen, en daaronder zeer bedenkelijke, die bij eene ruime kiesbevoegdheid meer dan anders op den voorgrond treden. Al wordt in dit opzicht vaak veel overdreven en veel als een teeken van bederf beschouwd, wat meer aanstootgevend is in den vorm dan in het wezen, rondweg zij erkend, dat in het bijzonder sommige Amerikaansche toestanden ernstige schaduwzijden van het algemeen kiesrecht aan het licht hebben gebracht. Deze schaduwzijden houden echter voor een deel verband met de eigenaardige ontwikkelingsgeschiedenis der Noord-Amerikaansche Eepubliek en worden elders niet, of slechts in mindere mate aangetroffen. In ieder geval staan tegenover deze nadeelen voordeelen, die ten slotte zwaarder wegen.

Tot die voordeelen behoort in de eerste plaats de grootere zedelijke kracht, die de Wet ontleent aan het feit, dat vertegenwoordigers van alle rangen en standen in de maatschappij aan hare tot standkoming medewerken. Het ontbreekt thans niet aan den goeden wil om de belangen van de oeconomisch zwakken te behartigen. Tal van maatregelen, in de laatste 12 jaren onder de elkander opvolgende

4

Sluiten