Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nochtans zal deze bijslag niet gegeven worden

i • aan hen, die niet gedurende den tijd van minstens zes maanden reeds te Amsterdam gevestigd zijn;

2°. aan hen, die niet minstens één week werkloos zijn;

3 • aan hen, die in hetzelfde kalenderjaar reeds over 50 dagen

een bijslag in het fonds ontvangen hebben;

4 • aan hen, die in het voorafgaande jaar een gemiddeld weekloon

van f25 of meer verdiend hebben;

5 • aan hen, die den leeftijd van 20 jaar nog niet bereikt hebben;

6 aan hen, die weigeren het bestuur of den secretaris van het fonds de ter verkrijging verlangde inlichtingen te verstrekken, of blijken opzettelijk valsche inlichtingen verstrekt te hebben.

Art. 23. De bijslag wordt door de toegelaten vakvereeniging wekelijks te gelijk met de uitkeering uit haar eigen werkloosheidsfonds den leden uitbetaald.

Het door een vakvereeniging aldus aan het fonds voorgeschoten bedrag wordt maandelijks aan de vakvereeniging terugbetaald. Het fonds is niet verplicht den bijslag voor de afgeloopen maand aan de vakvereeniging uit te keeren, vóórdat de in art. 16 vermelde staat en lijst in zijn bezit zijn. Zijn deze stukken niet binnen veertien dagen na het eindigen der maand, waarover zij loopen, bij den secretaris ingediend, dan is het recht op bijslag voor die maand vervallen.

Art. 24. Een toegelaten vakvereeniging is verplicht, wanneer de persoon, die door haar tot in ontvangstname van den bijslag aangewezen is, ophoudt daartoe gerechtigd te zijn of overlijdt, zoo spoedig mogelijk een ander persoon in diens plaats aan te wijzen en daarvan den secretaris van het fonds schriftelijk in kennis te stellen.

Zoolang deze kennisgeving niet geschied is, zijn betalingen, aan den vroeger aangewezen persoon gedaan, deugdelijk gekweten.

Slotartikelen.

Art. 25. Waar in dit reglement aan een vakvereeniging de ver plichting wordt opgelegd, staten of lijsten, volgens een door het bestuur vastgesteld model, in te leveren, kunnen de betrokken vakver eenigingen formulieren, volgens dit model ingericht, bij den secretaris van het fonds bekomen.

Art. 26. Alle geschillen, waartoe de toepassing van dit reglement kan aanleiding geven, zullen door het bestuur van het fonds beslist worden.

301

Sluiten