Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

grasen lantz, als woest gelegen, doch by dezen rentmeester van denzelven Pieter Claesz. tyde deser rekeninge unfangen in

Carolus-gl 4_10.o

Hinderick Louwens bruyct 26 graesen hoochlant, tgras gerekent een daler en na de abtzlegger 151/,, grazen galandt !),

die vuer 20 jaren verzet zijn an Campe Heddes, vermogens die versegelinghe daervan zijnde; facit die voorsz. 26 graezen

hoochlant in munte deser 39. o_o

Cornelis Claesz. bruyct 89 graesen lantz,

waervan sijn 20 graesen binnen den Slachd'jck ~), tgras een daler, ende 69 grazen buyten dSlachtdjjck, alsoe in de Collegio verdragen voor dezen jare tgras een halven daler, comt tzamen 541 /2 daler, in munte

deser-, - 81-15-0

Gerrit Jansz. en Jan Garbrantsz. bruken 76'/2 graezen lantz, daervan 12 graezen in de gae, 15 grasen buten dSlachdijck,

tgras een halven daler en 49grazen binnen dSlachdijck, tgras een daler, comt

57 daler, facit 85-10-0

Pieter Benningun Scholtes weduwe 44 grazen lantz, dhelfte buyten ende dhelfte

Tiouweus de laatste abt, Willem tmmen, zal ten minste dergelijke stukken van waarde wel naar het refugium in Groningen hebben medegenomen. Hij woonde in Groningen nog lang na 1594, zoodat de Staten of hun rentmeester waarschijnlijk van hem de boeken, die hij nog over de administratie van de kloostergoederen onder zich had, zullen hebben overgenomen.

1) Galandt, vgl. boven „in de gae" blz. 153 noot 2.

2) Een slaehte is in de 154e eeuw in het Westerkwartier een uitdrukking voor dijk. Later werd dit woord een eigennaam en verstond men ouder Slaehte de dijk, loopende van Noordhorn af in westelijke richting; dit zal wel de genoemde Slachdijk zijn.

Sluiten