Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M. J. Schröder, apotheker in het Academisch Ziekenhuis te Groningen;

Dr. M. Greshoff, onder-directeur van het Koloniaal Museum te Haarlem, en

Dr. F. C. E. van Embden, apotheker te Utrecht.

Alle leden der Commissie namen hunne benoeming aan, doch niet aan allen was het gegeven tot aan de voltooiing van deze uitgave der Nederlandsche Pharmacopee hunne krachten aan het werk der Commissie te besteden.

Door den dood ontvielen aan de Commissie de heeren Dr. B. J. Stokvis en W. Stoeder, terwijl de heeren Dr. F. C. E. van Embden en Dr. A. van der Loeff wegens gezondheidsredenen genoodzaakt waren ontslag als lid der Commissie aan H. M. de Koningin te vragen. Korten tijd nadat de heer van Embden uit de Commissie was getreden, werd ook hij aan de wetenschap en aan den kring der zijnen door den dood onttrokken.

Een woord van eerbiedige hulde aan de nagedachtenis der drie overleden medeleden. Niettegenstaande zij reeds aan de totstandkoming van de 3do uitgave dezer Pharmacopee hadden medegewerkt, zoodat zij beter dan de nieuwe leden bekend waren met de vele beslommeringen en de tijdroovende onderzoekingen, die het bewerken eenor Pharmacopee met zich brengt, hadden zij niet geaarzeld zich op nieuw beschikbaar te stellen en een werkzaam aandeel te nemen in de, vooral in den aanvang, niet te onderschatten voorbereiding van dit werk. De Commissie heeft hunne voorlichting zeer op prijs gesteld en hunne zaakrijke adviezen naar waarde geschat. Hunne nagedachtenis zal door de leden deiCommissie in hooge eere gehouden worden.

De wijze waarop Dr. van der Loeff als Voorzitter de werkzaamheden der Commissie leidde, heeft niet minder aanspraak op de waardeering zijner vroegere medeleden. Zijn scheiden uit de Commissie werd door hen zeer betreurd.

Sluiten