Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wordt 1 cM? Vloeibaar Kinaextract gemengd niet 10 cM? water en 2 druppels verdund zoutzuur, dan moet het mengsel helder zijn.

Met het 6-voudig volumen spiritus gemengd geeft Vloeibaar Kinaextract een troebel vocht, dat een vlokkig neerslac afscheidt.

Met een half volumen verdund zoutzuur gemengd moet het een overvloedig wit neerslag geven, dat later roodbruin wordt.

Vloeibaar Kinaextract moet 5-6 pet. alkaloïden bevatten. Het alkaloïdegehalte wordt op de volgende wijze bepaald: Schud een mengsel van 5 G. extract en 8 cM? water met 100 cM? aether en 2 cM? natronloog gedurende 1 minuut; schud, na toevoeging van 4 G. tragacanthpoeder, nogmaals krachtig, en destilleer van 80 cM? der heldere vloeistof (= 4 G. extract) den aether af. Los de rest op in 3 cM? spiritus, voeg 12 cM? '/J0 N. chloorwaterstofzuur toe, filtreer, en wasch kolfje en filter met kleine hoeveelheden water uit,' totdat het iïltraat 50 cM? bedraagt. Titreer de overmaat zuur terug, na toevoeging van 3 druppels haematoxyline, met„ N. alkali. Hiertoe moet 4 - 5,3 cM? vereischt worden. Iedere cM» gebonden N. zuur wijst 30 mG. alkaloïden aan.

Vloeibaar Kinaextract moet 7,5-10 pet. kinatannaten bevatten.

Het kinatannaatgehalte wordt op de volgende wijze bepaald: Meng, in een gewogen schaaltje, 5 G. extract met 20 cMif water en 2 G. kaliumacetaat, en damp op een waterbad uit tot 10 G. Giet, na bekoeling, de bovenstaande vloeistof op een met water bevochtigd filter, wasch de rest in het schaaltje met 2 cM? water af, giet ook dit water op het filter, breng hetgeen op het filter achterblijft bij de rest in het schaaltje, droog op een waterbad, onder roeren, en weeg, na bekoeling in een exsiccator. Het gewicht der kinatannaten moet 375 — 500 mG. bedragen.

Sluiten