Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelinatig scherp getand, soms gezaagd. Oppervlak dicht behaard, vooral de onderzijde daardoor wollig en grijs gekleurd ; aan beide zijden van het blad, tussclien de haren, vele zeer lijne, kogelronde, geelbruine klierharen bij 50-inalige vergrooting duidelijk zichtbaar.

Reukeloos; smaak vrij sterk en bitter.

Blumea balsamifera wordt in Nederlandsch OostIndië o.a. semboeng oetan genoemd.

Folia Digitalis. Digitalisbladen.

Bladen van Vingerhoedskruid.

De bladen van Digitalis purpurea, Linv. Sp. PI. 621, in het tweede levensjaar verzameld van het in ons vaderland gekweekte, bloeiende kruid.

Enkelvoudig, gesteeld, ten hoogste 30 cM. lang. Bladschijf eirond-langwerpig; vedernervig, nerven en aderen aan de onderzijde sterk vooruitspringend; top spits; voet afgerond, in den eenigszins gevieugelden bladsteel overgaand; rand zwak gekarteld, bij de gedroogde bladen schijnbaar gezaagd, op elk uitsteeksel een wit puntje. Oppervlak vooral aan de onderzijde en den rand met een zacht vilt; de haren daarvan voornamelijk op de nerven en aderen.

-Microscopie van het poeder. Groen parenchym; 1 tot 3 lagen palissadecellen. Vele 1- tot 6-cellige haren met stompen top. Klierharen met 1- of 2-celligen kop in veel geringer aantal. Opperhuidcellen met gegolfde zijwanden; huidmondjes aan de bovenzijde minder talrijk. Spiraal- en netvaten. Zetmeel kan in het groene parenchym en in het kleurlooze parenchym der nerven voorhanden zijn.

Smaak bitter.

Sluiten