Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

cylindrisch, naar den top toe geleidelijk veel dunner, onregelmatig gekronkeld, niet of zeer weinig vertakt; de stengelvoet en de langere wortel dikwijls in eikaars verlengde, somtijds 2 of 3 wortels min of meer zijdelings uit den stèngelvoet ontspringend. Oppervlak van den stengelvoet dwars en overlangs, van den wortel alleen overlangs gerimpeld; kleur gelijkmatig grijsbruin. Dwarse breuk licht kaneel bruin, eenigszins sponsachtig of ruw, niet vezelig. Op de dwarse doorsnede onder de kurklaag dikwijls onregelmatige holten, bij het indrogen ontstaan; cambium bochtig en donkerder van kleur. De stukken zijn somtijds overlangs gehalveerd of in dwarse schijven gesneden.

Microscopie van het poeder. Netvaten en laddervaten, dikwijls tot bundels vereenigd. Parenchymcellen met kleurlooze, soms eenigszins collenchymatisch verdikte wanden; de dunwandige cellen dikwijls in rijen gerangschikt; inde parenchymcellen soms tal van fijne kristalnaalden en langwerpige plaatjes; kleine oliedruppels (in chloralhydraat). Nagenoeg geen zetmeel.

Reuk zoetachtig als die van gedroogde vijgen; smaak eerst zoetachtig, weldra zeer bitter.

De wortels van Gentiana pannonica, Scop. Fl. Carn. ed. II. 1. 182, G. punctata, Linn. Sp. PI. 227, enG. purpurea, LlNN. Sp. PI. 227, die dunner, langer en meer grijs van kleur zijn, maar overigens in hoofdzaak met de boven gegeven beschrijving overeenkomen, mogen ook gebruikt worden.

Het aschgehalte van poeder van Gentiaanwortel moet 2 tot 6 pet. bedragen.

Sluiten