Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groen gekleurd, vooral in het endosperm, minder in de zaadlobben.

Reuk eigenaardig, eenigszins doordringend; smaak eerst olieachtig, doch weldra zeer bitter.

+ Semen Strychni. Strychnoszaad.

Nnx vomica.

De zaden van Strychnos Nux-vomica, Linn Sp PI. 189.

Middellijn tot 2,8 cM., dikte tot 6,5 mM.; schijfvormig, ongeveer cirkelrond, dikwijls ondiep napvormig of ook op andere wijze gebogen; een weinig verhevene, kielvormige lijst aan den afgeronden rand. Zaadhuid dun. Navel op het midden van een der platte zijden, meestal als een kleine, ronde verhevenheid ; midden op de andere platte zijde een klein, rond indruksel of eveneens een kleine verhevenheid. Poortje op een kleine tepelvormige verhevenheid aan den rand; op vele zaden een weinig uitpuilende, smalle lijst, die navel en poortje verbindt. Oppervlak bruingrijs, soms eenigszins groenachtig, geheel bedekt met fijne, dicht aaneengedrongen, plat nederliggende, met den top naar den omtrek gekeerde haren en daardoor eenigszins zijdeachtig glanzend en vettig op het gevoel. Endosperm van den vorm van het zaad; inwendig met een cirkelronde, platte holte, tot op 1 of 2 mM. van den rand reikende; hard, hoornachtig, wit, eenigszins doorschijnend. Kiem tot 7,5 mM. lang. Worteltje door het endosperm heen tot aan het poortje reikende, cylindervormig. Zaadlobben in de holte van het endosperm, hartvormig, vedernervig, met 5 tot 7 nerven.

Voor de bereiding van het poeder moet de zaadhuid verwijderd worden.

Sluiten