Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORREDE

Strijden is niet aangenaam. Toch kunnen er oogenblikken zijn, dat wij er toe geroepen worden. Zulk een oogenblik achtte ik gekomen na de lezing van het academisch proefschrift, waarmede Ds. J. van Lonkhuijzen in het jaar 1905 aan de Vrije Universiteit te Amsterdam den graad van Doctor in de Godgeleerdheid behaalde, en hetwelk tot onderwerp heeft: Hermann Friedrich Kohlbrügge en zijn prediking.

Het is niet eene historische kwestie, waarover ik met den schrijver eens een wetenschappelijk debat zou willen voeren. Het is niet te doen om al hetgeen ons van de geschiedenis van Dr. Kohlbrügge gegeven wordt, hier nog eens na te rekenen, hoewel wij moeten zeggen, dat ook in dit opzicht de schrijver ons niet bevredigt, al zijn wij dankbaar voor zooveel wetenschap in dit omvangrijk werk, waaraan veel studie is besteed. Personen van leeftijd en ervaring, die Dr. Kohlbrügge intiem hebben gekend, met hem zich nauw verbonden hebben gevoeld, hebben eene uitvoerige levensbeschrijving niet aangedurfd; hoe zou een doctorandus er in slagen, die pas van de studie komt, en wiens opleiding hem niet kon bekwamen om Dr. Kohlbrügge te verstaan. Immers, hoezeer Dr. A. Kuyper ook ingenomen was met Dr. Kohlbrügge en hem prees, zoo zal toch ieder toestemmen, dat hij zich in eene geheel andere wereld verplaatst voelt, wanneer hij na den één den ander leest. Buitendien is het de tijd nog niet om zulk een werk over Dr. Kohlbrügge te schrijven. Eerst een volgend geslacht zal dat met de noodige objectiviteit kunnen doen.

Ook wil ik mij niet lang ophouden over de wijze waarop vooral het historisch gedeelte behandeld is, waarin de schrijver er telkens bij is om, op eenigszins meesterachtige wijze, lof en blaam uit te deelen. Mij dunkt, de Schrift geeft in hare soberheid

Sluiten