Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„onzen geest door de toespraak tot ons van dien Geest (bi. 24). „Het is Zijn genadige wil, van den Vader en den Zoon uit te „gaan, van den Vader en den Zoon Zich te laten zenden, geven, „over ons uitstorten, en Zich zoo tot ons af te laten met het „Woord van het volzalig Evangelie (bi. 28, 29). Intusschen verbergt Zich de Geest in de uitverkorenen, zoodat het den schijn „heeft, alsof het van hen kwam en ook van hen moet komen, „wat toch alleen van Hem komt, en door Hem in hen gewerkt „wordt en zoo door hen ten uitvoer gebracht wordt. Uitwendig „houdt Hij hun het Woord en den wille Gods voor, inwendig „ontsteekt Hij in hen een hartelijken lust en een vermaken „daartoe, en Hij bekleedt hen in hunne uiterste zwakheid en „volslagen onvermogen met Zijne macht tot vertrouwen op het „Woord en het naleven van des Heeren wil, een iegelijk van „hen naardat hij geroepen is (bl. 32). Het is door Zijne tucht, „dat de mensch zich tot in den diepsten grond des harten verootmoedigt, dat er een gebroken geest is en een beven voor „s Heeren Woord komt (bi. 34). Al het goede des wegs komt „alleen van den Heiligen Geest, Die onophoudelijk tot bekeering „brengende, tegen al het zondenkwaad een goed en waar „Woord met macht van overreding in ons binnenste spreekt „en antwoordt, waardoor Hij ons tot het goede beweegt en „met dat Woord eene belofte verbindt, waardoor Hij bewerkt, „dat wij den goeden strijd strijden en het geloof behouden. „Met dat Woord en met die belofte werkt de Heilige Geest „altijd blijdschap in de kinderen Gods, vanwege den rijken „troost, dien zij tegen alles in zulk een woord en belofte „hebben, (bl. 38.)

„Hij (nl. God) spreekt niet tot ons van uit de wolken, neen, „als God spreekt, dan spreekt Hij van het Bijbelblad tot ons „hart; en er is nog nooit iemand geweest, die door eene stem „uit den hemel is vertroost geworden, of hij heeft de woorden „dezer stem vroeger of later, vaak eerst na jaren, teruggevonden „in dit Boek. Maar dat dit Boek Gods Woord is, dat God „spreekt van het Bijbelblad, uit dit gansche Boek, dat leert men „alleen door den Geest Gods. Waar deze Geest is, daar is Hij „alzóó vereenigd met onzen geest, dat Hij de dorre hand des „geloofs gezond maakt, om de woorden der Schrift aan te nemen „als Gods Woord, als genade, vloeiende van de lippen des „Heeren Jezus." (Eene Onderwijzing, bl. 6.) „Of wat hadden de „jongeren toen zij hunnen geliefden Meester van lijden en „dood, van heengaan tot den Vader hoorden spreken; wat hadden

Sluiten