Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bisschoppen; hij bezit de algemeene oppermacht over Christus' Kerk, en bezit in de Kerk de volheid der macht; deze macht is dezelfde als Christus Petrus schonk; den Paus komt de beslissing in geloofszaken toe (1). Wie het ééne hoofd der Kerk verloochent weerstreeft Christus' wet: Één schaapstal en één Herder (2). Eene kritiek op de latijnsche vertolking der grieksche teksten besluit het werk (3).

Tien jaren later werd de lyonneesche kerkvergadering geopend. Vooralsnog brachten alle pogingen van den H. Stoel weinig vruchten van eenheid voort. Oprechtheid en grootsche bedoelingen behoorden niet tot de hoofdeigenschappen van den keizerlijken onderhandelaar. Michael Paleologus was langs het pad der misdaad ten troon geklommen; zijn eed van trouw aan het keizerskind Johannes IV had hij snood verbroken en den tienjarigen knaap van 't licht der oogen beroofd. Vrees voor een nieuwen kruistocht der Latijnen dreef hem thans naar Rome. Een man als hij was, zelfs wanneer hij geschenken aanbood, te duchten (4).

Er is overigens wel nimmer een groot man opgestaan, wiens edele bedoelingen niet somtijds schipbreuk leden door het valsche spel der alledaagsche baatzuchtigheid. Allen die ijveren voor recht, waarheid en deugd, moeten op hunne beurt den bitteren kelk veler teleurstellingen drinken. Gelukkig daarom de dienaren van Hem, die het werk naar de zuivere meening, niet naar den

uitslag loont. —

Alle genieën hebben onder hunne meesterstukken eenige werken geleverd, waarvoor geheel de wereld eerbiedig het hoofd boog als voor een beslissend bewijs van meerderheid. Tot deze werken behoort Thomas' Catena aurea of Gulden keten.

(1) O. c. p. 256—257. Ofschoon de H. Thomas hier eenige teksten van later betwiste authenticiteit voor zijne stellingen bezigt, is zijne zienswijze over de pauselijke macht geenszins van deze teksten afhankelijk. Het Opusculum neemt de teksten, zooals zij werden voorgelegd en oordeelt over den zin, niet over de authenticiteit. Elders worden dezelfde stellingen met geheel andere bewijzen gestaafd. Cfr. Summ. Theol. II. II, I, 10; 11, 2 ad 3; — Cat. aur. in Luc. XXII, 32; Q. Disp. de Pot. X, 4 ad 13, etc. Zie Bianchi, De Constitutione monarchica Ecclesiae etc. juxta D. Thom. Aquin.

(2) O. c. Prooemium.

(3) S. Thom. Opp. t. XV, 258.

(4) Vgl. L. Bréhier, L'Eglise et 1'Orient au moyen &ge, 229—243.

Sluiten