Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den vrede van Sint-Sabina moest verwisselen met de fransche hoofdstad, die hem als een wilde zee was geweest. Reginaldus, de trouwhartige gezel, trok mede naar het nieuwe vaderland.

Te Parijs heropenden zich voor de twee kloosterlingen de deuren van Saint-Jacques, waar de Aquiner zijn nieuwen arbeid begon als regent van een der twee dominikaner scholen en alsleeraar der Universiteit. Het was weder de oude opgewektheid, zonder verflauwing of verzwakking. Een schoon leven, als een machtige stroom. Alleen reeds het groot getal en de hooge waarde van Thomas' geschriften uit dien tweeden parijschen leeraarstijd bewijzen het ons overvloedig.

De groote universiteitsstad was thans rustiger dan in 1256. Toch broeide er de lucht. En wij kunnen sommigen geschiedschrijvers wel toestemmen, dat dreigend gevaar van tweedracht en verwarrende dwaalleer een hoofdreden was, waarom Thomas uit zijn vaderland naar Parijs werd overgeplaatst.

Vooralsnog was het kalm.

In Mei 1269 kwamen afgevaardigden of definitores en hunne gezellen of socii uit alle dominikaner provincies naar SaintJacques en hielden daar ongestoord het generaal kapittel hunner orde. Afgevaardigden voor de romeinsche provincie waren Eufranon en Gerard, prior van Provence(l). Zijdelings nam niettemin ook Thomas deel aan de werkzaamheden der algemeene vergadering. Daar waren namelijk beginselen toe te lichten en vragen te beantwoorden naar aanleiding van een geschil tusschen een italiaanschen en een duitschen Dominikaan omtrent letterkundig eigendomsrecht. De Aquiner was een van de zes leden der commissie, die men benoemde om in dezen advies uit te brengen (2). Het blijkt uit het ons bewaarde antwoord, dat de moeilijkheid eener beslissing voornamelijk gelegen was in velerlei twijfelingen, die den plicht van het bewaren en de geoorloofdheid van het openbaren eeniger geheimen betroffen. Deze vraagstukken waren, door enkele praktijken der belanghebbende personen, toevallig aan het geschil vastgeraakt, doch tegelijkertijd zoozeer van algemeen belang, dat Thomas vóór het algemeen kapittel, omtrent Paschen 1269, of wellicht kort nd de kapittel-

(1) Douais, Acta capit. provinc. Ord. Fratrum Praed. p. 525.

(2) Zie Masetti, Monum. et Antiq. I, 363; Denifle. Chartul. I, 386; Mandonnet, O. c. 97—99. — Aan het gen. kap. van Milaan (1270) zond Thomas eene instructie over Barth. Turon.

Sluiten