Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit Terracina zijn visch te koop, en zie, men vond tot ieders verbazing, wat de kranke wenschte. Allen zagen hierin een blijk van Gods liefderijke vaderzorg tot verheerlijking van zijnen heiligen dienaar. Maar Thomas klaagde zich van te groote begeerlijkheid aan en weigerde aanvankelijk de hem aangeboden spijze; ten laatste gaf hij toe (1). Zijn arts, Johannes de Guidone, zijne bloedverwanten en vrienden bleven hem liefderijk verzorgen en na eenige dagen rust scheen de levenskracht zich te herstellen. Men besloot de reis te vervolgen.

Men heeft gevraagd: Wat knakte zoo plotseling Thomas' levensbloei? Was hier geweld in 'tspel? Zij, die Thomas'verblijf te Magenza naar eigen ondervinding verhalen, geven tot deze vooronderstelling geenerlei grond (2). Dante en Johannes Villani echter wekten boos gerucht tegen koning Karei van Anjou. Volgens den dichter der Divina Commedia zond de siciliaansche koning zijn slachtoffer Conradijn Thomas als zoenoffer na (3). In Villani's verhaal pleegt een koninklijk arts dezen moord, om zijnen vorst te behagen (4). Oude commentatoren van Dante en andere latere schrijvers verzuimen niet deze aanklacht vollediger te maken, te schakeeren en uit te werken tot een dramatisch tafereel.

Vóór zijn vertrek naar de lyonneesche kerkvergadering zou onze Heilige door Karei van Anjou ten afscheidsmaal zijn genoodigd. De vorst vreesde, dat Thomas kardinaal, ja, Paus worden en hem om zijn wanbestuur krachtig tegenwerken zou; dat de beroemde leeraar zelfs buiten deze waardigheden zijn overgrooten

(1) .... dixit (fr. Thomas) medico: Magister melius est, quod divinae providentiae me committam, quam quofl de his piscibus divina concessis potentia, quos nimio desiderio concupivi, manducare praesumam. De Tocco, X, 57. — Vgl. Petrus de Castro Montis-S. Joannis, Proc. de vita, VI, 50 en Année Dominicaine, 1901, Avril, p. 172.

(2) Vgl. Ptol. Luc., Annal. ad ann. 1274 en Hist. Eccl. XXIII, 8 ; de Tocco, X, 57; Abbas Nicolaus, Barth. de Capua, Petrus de Castro M.-S. Joannis, bij de Boll. t. VII, p. 686, 711 en 700.

(3) Carlo venne in Italia, e per ammenda Vittima fe' di Conradino e poi

Ripinse al ciel Tommaso per ammenda. (Purgatorio, Canto XX.)

(4) .... andando lui a corte di Papa a Concilio a Leone, si dice che per un Tisiciano del detto Re, per veleno li mise in confetti, il fece morire, credendone piacere al Re Carlo, etc. Giovanni Villani, Hist. IX, 2, 18. Men geve wel acht op het: si dice. — Dante's Purgatorio was voltooid omtrent 1314; Villani stierf 1348.

Sluiten